zaterdag 11 juli 2009 by K
Zomaar een tripje op de fiets op zaterdagochtend. Het doel waren de Botanische Tuinen op de Uithof in Utrecht.
De voorzitter was erg benieuwd naar de opblaasbare objecten van de Amerikaanse kunstenaar Paul McCarthy die daar te zien zijn. Het is crisis dus ik dacht: ‘Ik fiets mooi langs de hekken, dat scheelt weer een euro of zeven entree…’.
En inderdaad, van achter de hekken waren drie grote kunstwerken prima te bewonderen waaronder White Head (Bush Head) (zie foto). Erg indrukwekkend moet ik zeggen.
Air Pressure heeft hetzelfde effect als de werken Christo. Dit soort werken maakt je bewuster van de omgeving en van de wereld waarin we leven …
Zo vervolgde de voorzitter zijn fietstocht over geaccidenteerd terrein en filosofeerde nog even door met 7 euro winst op zak.
(Foto: Priscilla Tienkamp, flickr.com)
Categorie: Air Pressure, Botanische tuinen, Paul McCarthy
Geplaatst in Kunst | Leave a Comment »
vrijdag 10 juli 2009 by J
Étape 7: Barcelona – Andorra Arcalis
Ach, wat had ik het leuk gevonden als Samuel Dumoulin, de kleinste renner van het peloton, vandaag als eerste de finish gepasseerd was. Een dwerg die wint in een dwergstaatje. De Tour heeft immers de Europese Unie verlaten en is naar Andorra gefietst. Bent u daar wel eens geweest? Gek hoor, vijfhonderd winkels waar je motorhelmen kunt kopen in één straat, zo middenin die statige Pyreneeën. En ik heb niet eens een motor.
Tja, net als in Monaco, waar deze Tour van start ging, draait in Andorra alles om geld. Het landje werd ooit rijk van de smokkelactiviteiten en is sindsdien door een gebrek aan blauw briefpapier rijk gebleven. De aantrekkelijke belastingtarieven trekken jaarlijks 10 à 11 miljoen toeristen, die ’s zomers op koopjes jagen en ’s winters skiën. Eigenlijk levert dit soort dwergstaatjes het ultieme bewijs dat de economische voordelen die toegeschreven worden aan schaalgrootte klinkklare lariekoek zijn.
Klein maar fijn dus. Dat geldt ook voor veel wielrenners. Heeft u er al eens eentje in het echt gezien? Klein hè! Paolo Bettini, Damiano Cunego, Oscar Freire, Roberto Heras, Leonardo ‘de dwerg van de Abruzzen’ Piepoli: ze reden of rijden allemaal op kinderfietsjes rond. Ik heb het altijd verbijsterend gevonden om te zien hoeveel power er in zulke korte beentjes kan zitten. Waar halen ze het toch vandaan? Nou ja, in het geval van Piepoli en Heras is dat inmiddels wel duidelijk: van de plaatselijke pharmacie.
Er is naast wielrennen nog een sport waarin dwergen goed zijn, zij het dat ze vooral figureren als lijdend voorwerp: het dwergwerpen. Net als wielrennen niet ongevaarlijk. In 1828, lang voordat Francisco Cepeda in 1935 zijn hoofd doormidden viel bij een valpartij tijdens de afdaling van de Galibier, viel de Nederlandse dwerg Simon Paap al dood na een geslaagde worp. Daarna bedacht iemand dat het slim was om de dwerg een helmpje op te zetten. Jammer genoeg hebben de Verenigde Naties in 2002 een streep gezet door deze sympathieke niet-Olympische sport.
Ook jammer: Samuel Dumoulin werd vandaag bovenop Arcalis vooraf gegaan door 133 andere renners. Ach, een echte dwerg is hij toch al niet. Met zijn 1,58 meter is hij dan wel kleinste van het peloton, maar nog altijd 8 cm te lang om officieel als dwerg gekenmerkt te worden.
Categorie: andorra, column, damiano cunego, dwerg, dwergwerpen, leonardo piepoli, paolo bettini, sebastien dumoulin, simon paap, tour de france, tourcolumn, wielrennen
Geplaatst in Algemeen, Geschiedenis, Sport | Leave a Comment »
vrijdag 10 juli 2009 by K
De beschermheer vertoont momenteel zijn kunsten als dagelijkse columnist. Hulde daarvoor.
Ik wil u graag, op informatieve manier, wijzen op een markant museum dat u gezien moet hebben om het bijzondere gevoel te ervaren. Een mooie videopresentatie van het museum en haar omgeving kan ik u daarom alvast niet onthouden. Het feit dat de locatie in 2004 verkozen werd tot Museum van het Jaar (door de AICA) verbaast mij niets.
Het Museum Kurhaus Kleve is te vinden aan een bosrand in Kleve, net over de grens bij Nijmegen. Iets heeft mij altijd getrokken tot dit museum; de ligging, de rust of misschien is het het vervreemdende beeld van Thomas Schütte dat op de binnenplaats te zien is.
Een plotse sympathie voor het museum aan de Tiergartenstraße, maakte mij onlangs vriend van het museum. Nu ‘bouw’ ik mee aan de verbouwing van het Friedrich-Wilhelm-Bad. Een ruimte bij het museum waar Joseph Beuys acht jaar lang (van 1957 tot 1964) een atelier had. Als voorzitter ben ik alvast uitgenodigd voor de toekomstige opening. Ik zal, in stijl, met vilthoed en in hengelsportjas verschijnen …
(Beeld: www.thomas-schuette.de)
Categorie: Ewald Mataré, Joseph Beuys Atelier, Museum Kurhaus Kleve
Geplaatst in Architectuur, Kunst, Reizen | Leave a Comment »
vrijdag 10 juli 2009 by K
Herinnert u zich nog de beeldstrip Van Nul Tot Nu? Vijf fantastische delen over de vaderlandse geschiedenis van nul tot nu dus.
De verteller is in feite een jong meisje dat door een oudere, wijzere man (Methusalem de Tijdt) aan de hand genomen wordt. Samen lopen ze alle ingangen van de Nederlandse geschiedenis af. Bekijk hier de eerste pagina van deel 1 van de serie. De scènes tussen hem en haar zijn realistisch getekend. De historische gebeurtenissen zelf zijn in een lossere, meer komische stijl getekend.
Thom Roep schreef de scenario’s en Co Loerakker maakte de tekeningen. De serie (deel 1 t/m 4) liep vanaf 1984 en in 1994 verscheen er een vijfde deel over ‘de geschiedenis van het dagelijks leven’.
Echt een unieke manier om leuk en leerzaam bezig te zijn met geschiedenis. Ze zijn altijd te lenen bij de voorzitter en bijvoorbeeld hier te koop.
Bronnen: Wikipedia en Stichting Beeldverhaal
(Afbeeldingen: © 1984 Big Balloon (scan) en www.mutze.nl)
Categorie: Co Loerakker, Meneer de Tijdt, Thom Roep, Van Nul tot Nu
Geplaatst in Algemeen, Geschiedenis | 1 reactie »
donderdag 9 juli 2009 by J
Étape 6: Gerona-Barcelona 181.5 kilomètres
De Tour de France heeft la France verlaten en is neergestreken in Catalunya. Daar wonen natuurlijk geen Spanjaarden, maar Catalanen. Een soort Basken, maar dan handiger. Hun grote mate van zelfbestuur werd bereikt door slim te schuiven met geld in plaats van bommen te leggen onder auto’s. Met datzelfde geld zullen ze de Tour de France organisatie overtuigd hebben van het nut om neer te strijken in Barcelona.
Een stad van dromen, het best vertolkt door Gaudí. Zijn sagrada familia, park guëll en casa batló, ze zijn slechts geëvenaard door diverse bouwwerken binnen de Efteling. Een stad ook met een prachtige Gothische wijk en een bloeiende homocultuur. En met straten waar het bar glad kan worden als het regent, zoals vanmiddag overtuigend gedemonstreerd werd door een aantal renners, waarvoor dank.
De Tour reed vandaag naar een Olympische berg en een voormalig martelkamp ineen. Bovenop de Montjuich, waar de finishlijn getrokken was, zijn immers de Olympische faciliteiten te zien van de Spelen van 1992, maar werden ook zwarte bladzijden spaanse geschiedenis geschreven. Met dikke rode letters van het bloed van de slachtoffers van de dictatuur, die er enthousiast gemarteld werden, tot de dood erop volgde.
Op zo’n plek moet een mens geweest zijn natuurlijk. Toen ik min of meer per toeval eens in Barcelona verzeild raakte, besloot ik de zondagochtend nuttig te besteden. Ik sprong uit het stapelbed van de jeugdherberg op de plaza real, die stonk naar dronken Britten en rottende matrassen en begaf mij goedgeluimd in de richting van de berg. In een opwelling besloot ik om mij het geld voor een buskaartje te besparen en te bekijken of ik te voet de berg kon beklimmen.
Dat kon. Aan de kant van de stad liep een klein paadje slingerend omhoog. Wat ik op mijn route naar boven tegenkwam, overtrof mijn verwachtingen. Ik herinner mij een slapende man in een slaapzak, die, nu ik er nog eens over nadenk, ook best wel eens dood geweest kan zijn, een stuk of wat wazig kijkende verslaafden, een enclave donkere sieraadverkopers die zich opmaakte om in de stad toeristen lastig te gaan vallen, enkele schimmige dealers van snoepgoed waar Tom Boonen maar moeilijk vanaf kan blijven, een ouder echtpaar dat bramen plukte voor in de jam en, jazeker, een volledig naakt paartje dat kreunend de liefde bedreef.
Het peloton nam vandaag de verharde weg naar boven. Thor Hushovd klopte Oscar Freire. Het was te verwachten. Wie wat onverwachts mee wil maken, beklimt de Montjuich beter van de steile kant.
Categorie: freire, hushovd, montjuich, olympische spelen 1992, Oscar Freire, thor hushovd, tour, tour 09, tour de france, tourcolumn
Geplaatst in Algemeen, Architectuur, Kunst, Reizen, Sport | Leave a Comment »
woensdag 8 juli 2009 by J
Étape 5: Le Cap d’Agde – Perpignan 196.5 kilomètres
Chute dans le péloton! Zeker in de nerveuze eerste week van de Tour klinkt deze kreet, die natuurlijk ‘valpartij in het peloton’ betekent, dagelijks over de koersradio. Onze eigen frisse, Hollandse jongens lagen er ook een paar keer bij. Gisteren verliet Piet Rooijakkers met een gebroken elleboog de Tour, vandaag was het de beurt aan Robert Gesink met een gebroken pols. Zij hadden nog geluk, de Spanjaard Pedro Horillo viel vorige maand tijdens de Giro bijna dood in een ravijn. En ook hij had nog geluk, want doden zijn er in het veleden ook al te betreuren geweest in de Tour. Wielrennen is dus niet alleen een schitterende sport, maar ook een reuze gevaarlijke. Conclusie: een mens die er vrijwillig voor kiest deze sport als hobby in competitieverband te beoefenen, moet wel knettergek zijn.
Er wordt wel gezegd dat iedere wielrenner voor iedere koers bang is voor een valpartij. Schrijver-wielrenner Tim Krabbé was er zelfs keer op keer van overtuigd dat het déze keer dramatisch met hem af zou lopen. Gek, maar zo fatalistisch was ik in mijn eigen, bescheiden carrière helemaal niet. Tuurlijk, je kon vallen, maar anderen hadden daarvoor veel meer talent dan ik. Het zijn namelijk altijd dezelfde klungels die erbij gaan liggen: de Frank Schlecks, David Zabriskies en Denis Menchovs van deze wereld. Koning van de valpartij was de Zwitser Alex Zuelle, maar die werd dan ook benadeeld door zijn beperkte gezichtsvermogen, het best te vergelijken met de waarnemingscapaciteit van een mol op een stralende zomerdag.
Anderen zijn stukken handiger in het omzeilen van het pijnlijke onheil, dat trouwens vergezeld gaat van een typisch geluid van ledematen en fietsonderdelen die schuren over grof asfalt. Ik heb renners op de meest onwaarschijnlijke manieren overeind zien blijven en noodstops zien maken. Zelf ben ik ooit eens in een reflex in één vloeiende beweging over zowel een gevallen renner als zijn fiets heengesprongen. Met zestig kilometer per uur hoef je dan helemaal niet zo hoog te springen, dacht ik nog triomfantelijk tijdens mijn vlucht.
Jaja, stoere verhalen te over.
Natuurlijk ben ik ook wel eens gevallen tijdens een koers. Ik herinner me een schuiver tijdens een zomeravondcriterium in het centrum van Zeist. Het parkoers was merkwaardig: een vierkant met een lengte van precies 1 kilometer. Er reed een kopgroep weg en in een poging me bij de gelukkigen te vervoegen, nam ik in één van de vier bochten te veel risico. Mijn voorwiel gleed weg en ik schoof genadeloos richting de hekken. Tijdens het opstaan schoot de pijn door mijn lichaam en opeens leek wielrennen zo’n logische levenskeuze niet meer. Ik graaide naar mijn fiets, draaide me om en keek in de grote ogen van een vrouw die zich losgemaakt had uit het publiek. Ze klom over het hek en liep op me af. Ze was nog maar een meter van me vandaan toen ze haar rok in een wilde beweging omhoog gooide en triomfantelijk gilde: “Ik ben ook gevallen met de fiets! Kijk maar!” En inderdaad, behalve een door rossig schaamhaar omgeven slip werd er ook duidelijk een flinke schaafwond op haar rechterknie zichtbaar.
Daar op die warme zomeravond in Zeist, was niet alleen de wielrenner knettergek.
Categorie: alex zuelle, column, david zabriskie, Denis Menchov, frank schleck, menchov, schleck, tour 2009, tour de france, tourcolumn, wielrennen, zabriskie, zuelle
Geplaatst in Algemeen, Sport | Leave a Comment »
woensdag 8 juli 2009 by donquijotenamensnut
Het dynamisme van een stad -denk aan mensen, bedrijvigheid, geuren, lawaai en drukte- is een inspiratiebron voor schilders, fotografen en schijvers. Aan de andere kant is de verlorenheid van de grote stad een interessant uitgangspunt voor een kunstwerk. De secretaris -ofschoon overtuigd stadsmens- worstelt regelmatig met deze gevoelens of herinnert zich momenten waarop hij aan deze ‘aandoening’ leed. De Amerikaanse schilder Edward Hopper was een meester in het verbeelden van dergelijke gemoedstoestanden. De Franse schrijver Patrick Modiano laat zijn hoofdpersonages ronddolen in verstikkende steegjes, kansloze cafes en inwisselbare pleinen in steden als Parijs of Nice.
Ik ontdekte laatst een fotograaf die dit thema in zijn carriere ook op een uitstekende manier neergezet heeft: de Oostenrijker Herbert Bayer (1900-1985). Op zijn fotomontage ‘Der Einsame Großstädte’ zien we een gevel van een Berlijns achterhuis met daarin zijn ogen die ons aankijken. Een spookachtig tafereel, waarmee Bayer op een surrealistische wijze kritiek wilde leveren op de anonimiteit van de grote stad.
Bayer studeerde begin jaren twintig van de vorige eeuw aan het Bauhaus in Weimar. In 1925 kreeg hij aldaar de leiding over de werkplaats voor drukwerk en reclame en werd hij verantwoordelijk voor de vormgeving van het Bauhaus-drukwerk. Leuk weetje voor de Voorzitter: Bayer ontwerpt in 1927 een universeel, schreefloos lettertype (’Architype Bayer’), dat alleen uit kleine leters bestaat en dat voor altijd aan het Bauhaus verbonden zal zijn. Later stortte hij zich steeds meer op de fotografie.
Bron tekst: Taschen – Fotografie van de 20e eeuw.

Herbert Bayer - Der Einsame Großstädte. Bron: www.artnet.com
Categorie: architype bayer, Der Einsame Großstädte, eenzaamheid, grote stad, herbert bayer, surrealisme
Geplaatst in Algemeen, Fotografie, Kunst, Typografie | 2 Commentaar »
dinsdag 7 juli 2009 by donquijotenamensnut
Ze zijn schaars, maar zo af en toe heb je van die zorgenloze dagen. Geen claimende agenda, evenmin urgente klusjes, knagende noch malende gedachten. Afgelopen zondag was er gelukkig zo een. De secretaris streek met zijn gezin en schoonouders neer bij natuurgebied Het Leesten nabij Ugchelen (gemeente Apeldoorn). De somtijds verstikkende hitte was uit de atmosfeer verdwenen, zodat het prettig toeven was op de speelweide aan het begin van dit gebied.

Speelweide en kiosk bij Het Leesten. Bron: www.ugchelen.org
Speelfaciliteiten waren er niet, maar het vermaak was vrij eenvoudig te creeren door een bal de heuvel op te schieten en de zwaartekracht z’n werk te laten doen. Achter de heuvel lag de Leester Heide uitgestrekt en ontspannen te wachten op de beperkte schare bezoekers die voornamelijk uit hondenliefhebbers en Nordic Walkers bestond. In de kiosk kon een versnapering worden bemachtigd die niet per se genuttigd hoefde te worden op het volle terras. Heerlijk en welhaast zeldzaam, deze flexibele en gastvrije attitude. Misschien vinden we daarvoor de verklaring in het feit dat deze horeca-gelegenheid in de jaren 50 in het leven is geroepen door ene mevrouw Lammers, beter bekend als ‘Tante Mien’.
In rustgevende sferen gaan je gedachten uit naar de mooie dingen des levens. Ons tafereel deed me denken aan het beroemde schilderij van Georges Seurat, “Un dimanche après-midi à l’Île de la Grande Jatte”.

Bron: www.art.com
De secretaris was niet zo deftig gekleed als enkele figuren op het schilderij, maar zijn gemoed moet toch ongeveer hetzelfde geweest als van de in 1886 door Seurat afgebeelde mensen. Alhoewel….het eiland La Grande Jatte was toen niet alleen een groen eiland in de Seine nabij Parijs, waar de rijken van de stad in het weekend genoten van hun vrije tijd: La Grande Jatte stond eveneens bekend om de prostitutie. Het grappige overigens is dat iets verder op de Veluwe werken van de pointillist Seurat te bewonderen zijn, namelijk in het Kröller-Müller Museum te Otterlo.
Zo ging de tijd argeloos voorbij op deze laatste weekenddag en laadden wij onze batterijtjes weer op. De ene zorg die nu nog rest: is het zorgeloos of zorgenloos? Wellicht wordt het tijd voor een categorie ‘linguistiek’?
Categorie: georges seurat, het leesten, kiosk, la grande jatte, leester heide, ugchelen, zondag
Geplaatst in Algemeen, Kunst, Reizen | 1 reactie »
dinsdag 7 juli 2009 by J
Étape 4: Montpellier – Montpellier: 39 kilomètres
Wielrenners zijn eigengereid, koppig, knettergek, eigenaardig, brutaal en niet te beroerd om een ander schade toe te brengen. Ziezo, dan is het maar gezegd. Bovendien kan ik het weten, ik heb er immers jarenlang tussen gezeten. Trouwens, zelf ben ik ook koppig en eigengereid. Bon, Zie als ploegleiders van negen van dit soort karaktervolle klojo’s maar eens een team te smeden. Onmogelijk. Dat ze vandaag braaf tegen de zestig in het uur door de omgeving van Montpellier zoefden is dan ook vooral te wijten aan het feit dat ze elkaar hard nodig hebben om er zelf beter van te worden.
We maken een sprongetje. Vandaag te zien op telefoonlijnmasten, elektriciteitshuisjes en andere betonnen elementen die het franse straatbeeld ontsieren: Libérez Bové. Meestal nogal slordig geschreven en altijd in het wit of het zwart aangebracht. Dit betreft geen overhaast aangebrachte aanmoediging voor een regionale coureur. Het betekent letterlijk: Bevrijdt Bové! En nee, Bové is ook geen voormalige handelaar in EPO en ander snoepgoed die door de franse justitie tot de orde geroepen is.
Bové is José Bové. En José Bové is de nogal doortastend optredende voorman van de lokale Confédération Paysanne, een belangenclub van boeren. Zeg maar een soort KVO, maar dan voor mannen. En iets dynamischer. Want toen Bové een statement wilde maken tegen de voortschrijdende globalisering van de landbouw en de daarmee verbonden genetische manipulatie van landbouwproducten, trok hij met 300 gelijkgestemden voorzien van tractoren en ander grommend landbouwmaterieel naar een filiaal in aanbod van McDonalds in de stad Millau. Er bleef niet veel van over.
Wat had ik dát graag gezien, 300 op hol geslagen boeren die de grote, gele M van zijn sokkel rukten, als ware het een standbeeld van Saddam. Op zich te prijzen, zou je denken. De franse justitie dacht van niet. Bové draaide de bak in. Hij zat een tijdje in het maison d’arrêt van Villeneuve-lès-Maguelone, pak ‘m beet tien kilometer van het parkoers van vandaag. Bové liet zich door zoiets futiels als een paar weken gevangenisstraf natuurlijk niet van de wijs brengen. De voormalige schapenboer van de Causse du Larzac sloot zich aan bij Greenpeace, schreef een boek, meldde zich aan als presidentskandidaat en bleef anarchistische streken uithalen. Af en toe leverde hem dat weer een verblijf tussen vier muren op. Zijn omvangrijke achterban kalkte dan uit protest ‘Libérez Bové!’ op muren en lantaarnpalen.
Eigengereid, koppig, knettergek, brutaal eigenaardig en niet te beroerd om een ander schade te berokkenen. In José Bové schuilt een fantastisch wielrenner.
Categorie: étape 4, jose bove, tour 2009, tour de france, tourcolumn
Geplaatst in Algemeen, Sport | 2 Commentaar »
maandag 6 juli 2009 by J
Étape 3: Marseille – La Grande Motte 196.5 kilomètres
De finishplaats van vandaag heet La Grande Motte. Een plaatsnaam en een plaats die wat uitleg behoeven. La Grande Motte is een nogal treurig stemmende badplaats aan de Méditerranée. Vraag: Oh ja? Hoe dat zo? Antwoord: Nou, op de plek waar nu La Grande Motte ligt, was veertig geleden nog niets, behalve een groeiende vraag naar toeristische faciliteiten. Architect Jean Balladur werd gevraagd om van niets iets te maken. Zoiets wordt zelden een succes en meestal een opsteker voor de lokale betonindustrie. Zo ook hier. Als het office du tourisme weinig pluspunten méér aan weet te geven dan dat de flats spectaculaire vormen gekregen hebben en er veel groene ruimte aanwezig is, dan weet je het wel: ook achter die spuuglelijke hoogbouw is geen gemoedelijk middeleeuws haventje waar het ruikt naar versgebakken baguettes en gegrilde tonijn.
En dan de naam. La Grande Motte betekent zoveel als De Grote Plag. Is er dan veen in de buurt, of wordt er bij de ontwikkeling van zo’n semi-moderne stad maar lukraak wat gekozen? In ieder geval ligt La Grande Motte aan de grens van de Camargue, een omvangrijk moerasgebied. Daar wemelt het tussen de meertjes en rietkragen van de wilde paarden, flamingo’s, zilverreigers en wat andere beesten die je in geval van nood zou kunnen barbecuen. Bovendien wordt er rijst verbouwd en zout gewonnen, zodat er zelfs een complete, uitgebalanceerde maaltijd mogelijk zou zijn.
De Fransen zijn heel, heel erg trots op de Camargue met zijn gevoelige ecosysteem. Het is daar een soort Giethoorn in het groot. Met de hele zomer lang festivals, stierengevechten en Romeinse arena’s, al zullen die laatste er ’s winters ook wel gewoon staan. Voor de Nederlandse bezoeker is de Camargue echter nogal saai. Zo vlak is het tussen Nieuwegein en Amsterdam óók! Toch is het best mogelijk dat een etappe als die van vandaag een mooi spektakel oplevert. De wind kan namelijk zowel uit de Aigoual massieven als over de Golfe du Lion aan komen gieren. ’s Winters ijzig koud, ’s zomers bloedjeheet. Met tijdens de koers kans op, hiep hiep hoera, waaiervorming!
Er is weinig zo frustrerend als met goede benen de waaier voor die van jou weg te zien rijden. Seconde na seconde, kilometer na kilometer wordt je klassement verpest. Een situatie die je, als het eenmaal zo ver is, eigenlijk alleen nog maar lijdzaam kunt ondergaan. Tja, moet je maar wat verder van voren zitten als ‘het op de kant gaat’ en ‘het breekt’. Kwestie van slim zijn en goed opletten. Ben benieuwd welke favoriet er deze keer in de mongolenwaaier zit. Mooi wielerwoord, dat geen uitleg behoeft.
Categorie: camargue, herault, la grande motte, montpellier, tour, tour 09, tour de france
Geplaatst in Algemeen, Geschiedenis, Reizen, Sport | Leave a Comment »