Op de vouwfiets door de Mojavewoestijn

Een voorliefde voor obscure figuren of plekken heeft NUtblog sinds het begin gekenmerkt. Het wordt weer ‘ns tijd om zo’n obscuur maar historisch belangwekkend figuur onder de aandacht te brengen.
Want zo nu en dan ontdek je een bijzonder filmpje waar je opgewekt van wordt. Zo ook met de documentaire Reyner Banham Loves Los Angeles (BBCOne Pair of Eyes, 1972).
Tot voor kort wist ik niet van het bestaan van Reyner Banham. Dat geeft ook niets (en de man is al ruim 25 jaar geleden overleden) maar toch wil ik deze vondst graag delen op ons blog.

Baede-Kar
In het eerste shot van de documentaire zien we Banham een zebrapad op de luchthaven van L.A. overhuppelen. Hij introduceert zichzelf in de voice over. Bijzondere man denk je meteen. Zeker als de camera dichterbij komt en zijn markante hoofd ‘framet’.
In het volgende shot stapt hij in de Baede-Kar. Een ode aan de vader van de moderne reisgids – Karl Baedeker (1801–1859).
De auto moet de vrouwelijke voorganger van KITT zijn geweest; de eerste auto die tegen je praat. Meer nog was het een TomTom avant la lettre. Het werd Banhams gids voor deze grote onpersoonlijke metropool, Los Angeles.


Link voor mobiele apparaten

Welcome to the Super City of the Future
De Brit Banham (1922–1988) was een zeer invloedrijke architectuurcriticus die schreef over o.a. zijn enthousiasme voor de hoofdstad van Californië. Daarnaast was hij gewaardeerd professor aan verschillende universiteiten.

In zijn boeken verklaart hij zijn liefde aan de Verenigde Staten en vooral aan de ‘City of Angels’. Zijn bestseller heet Los Angeles: The Architecture of Four Ecologies.
In afwisselende hoofdstukken mengt Banham architectonische geschiedenis met een impressionistisch verslag van hoe het, in die dagen, was om onbezorgd van het ene naar het andere snelwegknooppunt te dwalen. Los Angeles was allereerst een nieuw soort 20e eeuwse stad voor hem; bevrijd door gebrek aan stadsplanning. Ten tweede, net zo belangrijk, als een instrument voor een frisse benadering van het schrijven over architectuurgeschiedenis.1

Zicht op L.A. vanaf J. Paul Getty Museum

Om zich volledig op de freeways te storten leerde hij autorijden, hoewel hij een fervent vouwfietser was. Zo fietste hij tijdens zijn ‘onderzoek’ op zijn Bickerton vouwfiets door de Mojave woestijn (bij L.A.). ‘De weidsheid van de woestijn is wat Europeanen het beste kunnen beschrijven, de Amerikanen vinden die woestijn niet de moeite,’ volgens de man uit Norfolk.

Het gaat mij niet zozeer om de kennis die Banham tentoonspreidt maar om wat hij met de kennis doet. Omdat hij, tegen de gevestigde meningen in, een oorspronkelijk verhaal vertelde. Een verhaal dat nog steeds wordt doorverteld.

Reyner Banham

Deze stijlvolle foto had ik niet willen missen; Banham op zijn vouwfiets in de Mojavewoestijn.

(Afbeeldingen: archief NUtblog en Tim Street-Porter via latimesblogs.latimes.com)

Het geheim van design schuilt in fijne spullen deel 4: racefiets

Om het geheim achter goed design te ontrafelen zetten we een aantal fijne spullen op een rij. Ditmaal: een fijne racefiets.

Ik had u beloofd even terug te komen op de hoeveelheid geld die we bereid zijn uit te geven voor goed ontworpen spullen. Het leek me een interessant gegeven. Ik wilde er u en anderen mee kunnen overtuigen dat design belangrijk is. Als je met design geld kunt verdienen, is dat misschien een goede reden om er aandacht aan te besteden en het zelf te oefenen om er beter in te worden. Ik bedacht een stelling die ik wilde toetsen: we zijn bereid vijf keer meer te betalen voor goed ontworpen spullen. Deze factor vijf was gestoeld op de aankoop van, jawel, een kaasschaaf, schoenen en drinkglazen.

Het toetsen viel tegen. Ik vroeg een aantal studenten (N = veel te weinig) naar hun bestedingen en maakte natte-vinger-schattingen van de design vermenigvuldigingsfactor. Er klopte weinig van, de antwoorden liepen uiteen van twee keer zoveel tot wel 40 keer zoveel. In het laatste geval ging het overigens over schoenen.

Hmm, wat nu? Na wat nadenken besloot ik dat het misschien ook andersom bekeken kan worden. Als design gaat over de ontwikkeling van waarde, kunnen we misschien aan de prijs die we bereid zijn ervoor te betalen wel heel simpel aflezen hoe goed het design is. Is het vier keer zoveel als het designloze (bestaat niet, maar u begrijpt vast wat ik bedoel) alternatief, dan zouden we bijvoorbeeld kunnen spreken van goed design. Is het veertig keer zoveel, dan kunnen we misschien spreken van zeldzaam topdesign.

Deze benadering maakt ook meteen duidelijk dat designbeleving vaak iets heel persoonlijks is. Niet iedereen heeft immers de inhoud van een dagobert duck geldzwembad over voor een paar schoenen. Andersom ziet lang niet iedereen de waarde van een gebruiksvoorwerp waar ik zelf veel waardering voor heb: mijn racefiets. Hier ziet u hem:

foto

Het is een Bemauro. Inderdaad, daar heeft u nog nooit van gehoord. Ik kocht hem van een student die een carrière als wielerprof combineerde met het vermarkten van zijn eigen fietsenlabel. Het frame werd naar zijn wensen ontworpen en vervaardigd in het Verre Oosten. Het leverde een model op met strakke, vloeiende lijnen. Stijf, comfortabel en licht. Een deel van de waarde zit hem vervolgens in de invloed die ik zelf heb gehad op de rest van het design. Ik heb hem bewust zwart gelaten, er zit enkel blanke lak op het keiharde carbon. Van de wielen tot het stuur zijn het allemaal onderdelen die ik zelf gekozen heb. Grappig hoe je dan direct begint te spelen met kleuren. Het geel van de bandjes komt ook terug op de naven van de wielen bijvoorbeeld. Deze foto dateert echter van een paar weken geleden en ik heb nu rode bandjes gemonteerd, die beter passen bij de kleuren van de stuurnok. En er liggen nog witte bandjes op voorraad, omdat ze zo mooi passen bij het witte stuurlint.

Ik ben een designer. We zijn allemaal designers!

En dan de waarde. Deze fiets kostte me, als ik het me goed herinner, ongeveer 2300 euro. Een koopje qua prijs-kwaliteit, maar nog altijd 100 x zoveel als een stationsfiets waarmee je ook van a naar b kunt fietsen. Zelf gecreëerde waarde is misschien wel het meeste waard :).

Jaha, dit wás een goed stel hoor!

Met enige tragiek werd door voetbalminnend Nederland het stapje terug van Marco van Basten bij AZ deze week aanschouwd. Wat is er toch aan de hand met de gouden generatie die het EK 1988 binnensleepte? We herinneren ons de legendarische woorden van Theo Reitsma na de gewonnen finale tegen Rusland: ‘Jaha, dit is een goed stel hoor!’ Maar inmiddels raakt de ene na de andere hoofdrolspeler van destijds op een zij- of dwaalspoor:

Bron: eengoedstel.com

Gerald Vanenburg (links in het midden) raakte eerder dit jaar in opspraak toen hij werd opgepakt op verdenking van bedreiging van zijn ex en haar nieuwe vriend. Hij zou daarbij een raam hebben ingegooid en het huis zijn binnengedrongen. ‘Vaantje’, de eens zo virtuoze, balvaardige middenvelder, kreeg als FC Eindhoven-trainer ook al eens een schorsing van vijf wedstrijden van de KNVB-tuchtcommissie naar aanleiding van een klap die hij had gegeven aan een speler van FC Emmen.

Over Wim Kieft (linksboven) verscheen dit voorjaar de biografie ‘Kieft’, geschreven door Michel van Egmond. Daarin vertelt de 43-voudig international over zijn jarenlange cocaïneverslaving. Kwade tongen rekenden na dat hij daarin wel 10 kilo gesnoven zou moeten hebben. Naar eigen zeggen was geld een voorname drijfveer van Kieft om het boek uit te brengen. Dat is misschien nog wel het akeligst van deze toch al tragische geschiedenis.

Wim Kieft. Bron: nu.nl

Ruud Gullit (midden, derde van links) is inmiddels ook aardig van zijn voetstuk gevallen. Ooit een held, een groot voorbeeld en bovendien indrukwekkend door zijn eerbetoon aan Nelson Mandela. De laatste decennia rijgt hij het ene na het andere mislukte voetbal- en liefdesavontuur aaneen. Maar, er is weer hoop, hij is smoorverliefd op een Mexicaanse, Margaritha. We hopen van harte dat zijn zes kinderen uit zijn eerdere drie relaties er ook mee kunnen leven.

En hoe zit het met Frank Rijkaard (midden rechts)? Ooit de gelauwerde coach van Barcelona, maar na mislukte optredens bij Galatasaray en het nationale elftal van Saoedi-Arabië was de trainerskoek wel op. Ooit zat hij in de onderbroeken, nu schijnen het de pannenkoeken te zijn. Wellicht kan Rudi Völler een keer komen eten?

Gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel. Ronald (midden, tweede van rechts) en Erwin Koeman (rechtsonder) zijn ook een beetje uit beeld, nu ze samen de kar trekken bij Southampton, maar voorlopig houden ze de fatsoensnorm hoog. En neem nu Berry van Aerle (midden, vijfde van links), altijd lacherig betiteld als antiheld en postbode, maar momenteel tevreden als scout bij PSV. Beter niet geroemd dan roemloos ten onder, zal hij denken……

Das Kabinett, Lent

Zeer dicht in de buurt van de secretaris zit een interessante broedplaats van artistiekelingen. Das Kabinett is gevestigd in het gewezen pomphuis van Vitens aan de dijk in Lent. Het industriele gebouw is omgetoverd tot huiskameratelier,  met de nadruk op kunst, vintage en design.

image

In samenwerking met Stichting Atelierbeheer Slak mag Das Kabinett tijdelijk gebruik maken van het voormalige pompstation. De naam is mede afgeleid van de beroemde expressionistische film ‘Das Kabinett des doktor Caligari’ uit 1920, een van secretaris’ all time favorits.

Drijvende krachten achter Das Kabinett zijn Maartje van Broekhuizen en Boy Timmermans. Zij gaven onlangs de ruimte aan enkele ‘kunstnomaden’, een tijdelijke tentoonstelling van vier kunstenaars. Hieronder ziet u 13×13 tikkende wekkers op houtskool van Frank ter Beek, die ook in de kerk van Beek-Ubbergen hebben gestaan.

image

 

Joke Visser zette daarnaast haar ‘Spoiled Eggs’ neer, eieren van aardewerk met glazuur op zand. Ze staan symbool voor de toename van het aantal afgebroken zwangerschappen in de laatste jaren.

imageHet is de moeite waard om op een fietstocht langs de Waal bij het Wijnfort even naar beneden te duiken. Let wel: Das Kabinett is alleen in het weekend open.