Archief voor november, 2010

Een bont gezelschap dubbelaars

zondag 28 november 2010

De tennisfans in Londen maken zich op voor de droomfinale tussen de twee beste spelers ter wereld, Rafael Nadal  en Roger Federer. Laten we echter niet vergeten dat er ook nog op een hoog niveau wordt gedubbeld, daar in de Engelse hoofdstad tijdens de afsluiting van het seizoen. Een qua publiciteit verwaasloosde discipline: 4 heren die elkaar bestoken met tactische opslagen, snelle returns en agressieve volleys. In Nederland raakte het herendubbel pas in zwang toen Haarhuis en Eltingh de absolute wereldtop bereikten.

Om naar te kijken doet het dubbel eigenlijk niet veel onder voor een single wedstrijd. De rally’s zijn weliswaar niet lang, maar regelmatig vallen er opwindende zoniet spectaculaire spelsituaties te noteren. In het dubbelspel verschijnen soms ook verrassende spelers aan de top uit allerlei windstreken. Zo zijn dit jaar de Indiërs Leander Paes en Mahesh Bhupathi ook weer van de partij. Een aantal jaar geleden vormden ze samen een fris en kleurrijk duo; dit jaar staan ze in de eindronde met respectievelijk de Tsjech Lukas Dlouhy en de Wit-Rus Max Mirnyi.

Nestor (l) en Zimonjic. Bron: vandaag.be

En wat te denken van het Poolse duo Matkowski en Frystenberg? Zeer opmerkelijk dat dit Oost-Europese land zonder noemenswaardige tennisgeschiedenis maar liefst 3 spelers in de finalepoule levert, want ook Kubot wist het selecte gezelschap te halen. Eveneens opmerkelijk is de aanwezigheid van de Canadees Daniël Nestor die al twintig (!) jaar meedraait aan de dubbeltop; dit jaar met de Serviër Nenad Zimonjic. Met zijn 38 jaar is Nestor echt niet de echte nestor: de boomlange Belg Dick Norman, aan de zijde van de Zuid-Afrikaan Moodie, telt nog een (tennis)jaar meer.

Op het moment van schrijven maken Bhupathi (ook al 36)/Mirnyi en Nestor/Zimonjic zich op voor de finale: de secretaris voorspelt, naast een zwaarbevochten overwinning voor Federer tegen Nadal, een zege voor de ‘oude’ Canadees, al was het maar omdat het hem zeer gegund is.

De hel van ’63 (++1/2)

zondag 28 november 2010

Ik weet niet hoe het u thuis vergaat bij de huidige temperaturen, maar de Beschermheer heeft een slaapzak onder zijn dekbed geschoven en rilt zichzelf de nacht door, zich desondanks verheugend op de dag dat het ijs dik genoeg zal zijn om de ijzers onder te binden. Het zal wel in dat licht geweest zijn dat gisteren opeens de behoefte ontstond om alsnog De hel van ’63 te bekijken, een Elfstedentocht-film waarvan wij van NUt de trailer lang geleden eens besproken.
Via een niet nader te noemen weg kwamen wij binnen enkele uren in het bezit van een in het Nederlands ondertitelde versie van de film en kon het feest beginnen.

Het verhaal bleek vier hoofdpersonages te kennen. Zo is er Kees, een flierefluiter met een zwangere vrouw die dolgraag een televisie wil, wat natuurlijk niet lukt als je man vier keer ontslagen wordt in negen weken tijd. En dan is er Henk, die uit het leger deserteert om de tocht der tochten te gaan rijden. Gevolgd door de zeventienjarige boerenzoon Sjoerd, die de deelname aan de tocht aangrijpt voor een bezoek aan een paar ooms die langs de route gehuisvest zijn en mogelijk borg willen staan voor de aankoop van een boerderij. Tot slot hebben we Annemiek, een verpleegster die de tocht rijdt ter nagedachtenis aan haar vriend Melle die een jaar eerder tijdens het schaatsen voor haar ogen in een wak verdronken is.

Dit illustere viertal komt elkaar natuurlijk tegen tijdens de tocht. Terwijl de kijker het in de huiskamer maar wát koud krijgt bij al die sneeuw- en ijsbeelden, besluit het bestuur van de Elfstedenvereniging onder druk van de media en de commissaris van de koningin dat de tocht van start moet gaan, ondanks het slechte ijs en de barre weersomstandigheden.

En zo komt het dat Kees de schaatsen onderbindt terwijl bij zijn vrouw Dieuwke, die overigens kort voor het vertrek aangegeven heeft het verder wel te geloven qua relatie, de vliezen breken. Beiden slaan een lijdensweg in die er mag zijn. Met de minuut wordt het verhaal vervolgens onwaarschijnlijker. Soldaat Henk wordt op slapstickachtige wijze achtervolgd door zijn sergeant-majoor. Terwijl links en rechts de uitvallers het riet inschieten en met bebloede koppen tegen het ijs aan slaan, vindt Sjoerd de tijd om twee ooms te bezoeken, waarvan er één een financiering belooft als hij de tocht volbrengt. Ondanks al dit gedoe komen de vier helden elkaar op hun weg door de sneeuw steeds weer tegen en omzeilen ze samen de barricades die organisatie en leger opwerpen om mensen uit veiligheidsoverwegingen van het ijs te halen.

Ondertussen baart Dieuwke met pijn en moeite een mooie zoon, die natuurlijk vernoemd wordt naar winnaar Reinier Paping. Zij wordt overigens gespeeld door Chantal Janzen, aan wie de Beschermheer stiekem een beetje een hekel heeft, maar die meer dan onberispelijk acteert.

Natuurlijk halen de helden uiteindelijk de eindstreep, al offert Annemiek zich onderweg op. Maar vraag niet hoe. In hun visioenen duiken zelfs ijsberen op, wat het geheel niet overtuigender maakt. En natuurlijk is de sergeant-majoor aan de finish uiteindelijk trots op Henk (Cas Jansen), sluit Dieuwke Kees (Chris Zegers) weer in de armen en krijgt Sjoerd zijn financiering rond.

En toch is het een fraaie film. Nergens heeft de kijker het gevoel naar de Zweedse meren te kijken waar de film toch echt gedraaid is. Het is leuk om een paar uurtjes naar een typisch Nederlands winterverschijnsel te kijken. En dat de kijker rillend van de kou op de bank zit terwijl het in de kamer toch echt negentien graden is, mag opgevat worden als een compliment. Het scenario bevat echter dusdanig veel zwakheden dat wij uitkomen op slechts 2,5 NUtster: ++1/2.

Tot slot vermelden wij dat het enigszins storend was om in de film voortdurend geconfronteerd te worden met een Telegraafjournalist die we doorgaans enkel kennen als één van de vrienden van Amstel en die qua stemgeluid wel erg sterk doet denken aan de BMW reclames op radio 1. Gelukkig wordt hij uiteindelijk in zijn gezicht gekotst door een misselijke schaatsheld, waarmee gerechtigheid is geschied.

Foto: filmtotaal.nl

Bruggetje De Hoefkamp-De Wellenkamp (Plekken in NL wigk (8))

vrijdag 26 november 2010

Over circa tweeënhalve maand wordt de actieradius van de secretaris tijdelijk weer wat kleiner. De eerste periode zullen een bezoekje aan de plaatselijke supermarkt en een wandelingetje naar het zeer nabij gelegen Maas-Waalkanaal tot de grootste uitstapjes behoren. Gezien de slaapbehoefte van de neonaat en de schoolverplichtingen van broer en zus kunnen de secretaris en zijn eega zich immers geen verre avonturen permitteren. Het armetierige gevoel van ‘ik heb vandaag werkelijk geen bal gedaan’ zal weer even de kop op steken. Jammer, want het is zelfs pertinente onzin: een paar koters (op)voeden, vervoeren, troosten, knuffelen, uit elkaar halen en in de gaten houden is a hell of a job, alleen krijg je er slecht voor betaald.

Voordeel van dit alles is wel dat de eigen wijk zeer goed wordt geëxploreerd. Zo is de secretaris al vaak met brood en dochterlief in de hand naar het bruggetje tussen de Hoefkamp en de Wellenkamp gelopen. Bij elke aankomst worden we dan enthousiast verwelkomd door een flinke zwerm eenden, soms wel 40 in getal. En wat is er nu dankbaarder dan al deze hongerige maagjes te vullen? Voor een kind niets leuker dan dat en het oefent en passant haar biceps en coördinatievermogen. De secretaris maakt er op zijn beurt altijd een sport van om elk eendje minstens één stukje te geven: zo links is hij nog steeds. 

Foto: T. Klijn

Bij zonnig weer is het een onverwacht idyllisch plekje. Als meerkoet & co zijn voorzien, geniet de secretaris van de zonnestralen in het slootje. Maar vooral de machtige treurwilgen die zich al kreunend over het water lijken te ontfermen, vormen een harmonieus beeld. Misschien beïnvloedt dat ook het gemoed van passanten, want op dit bruggetje zijn de mensen zeldzaam vriendelijk tegen elkaar. Soms wordt er een kort gesprek gevoerd of stukjes brood uitgewisseld: klein burgerlijk geluk. Nijmegen-Lindenholt heeft meer van zulke bruggetjes en watertjes; de secretaris hoopt dat deze eveneens een dergelijke atmosfeer bezitten. Mocht u op kraamvisite komen en u houdt het binnen niet meer uit: de secretaris neemt u graag even mee!

Draag bij aan de agenda van de NUtferentie

maandag 22 november 2010

Beste lezers,

NUt organiseert op 18 december de NUtferentie. Een moment waarop de Voorzitter, de Secretaris en de Beschermheer terug en – vooral – vooruit zullen kijken. Er zullen beslissingen genomen worden die bepalend zullen zijn voor de richting waarin NUt zich in de komende jaren zal ontwikkelen.

Er wordt op dit moment een agenda vastgesteld voor deze bijeenkomst. Wij kunnen ons voorstellen dat u van mening bent dat bepaalde zaken tijdens deze vergadering aan de orde dienen te komen. In dat geval nodigen wij u uit om dit via het reactieformulier kenbaar te maken. Uiteraard wordt u persoonlijk op de hoogte gehouden van de uitkomst van de discussie over het onderwerp dat u aandraagt.

Met vriendelijke groet,

De Beschermheer

 

Tirza (de film) (+++)

vrijdag 19 november 2010

Het was een druilerige zondagmorgen in Nijmegen en de Beschermheer en mevrouw de Beschermheer besloten dat er weinig anders op zat dan samen naar de film te gaan. Een blik op filmladder.nl leerde ons dat de spoeling dun was qua keuze, zo vroeg op de zondag, zodat we een beetje tegen wil en dank bij Tirza belandden, een Nederlandse film naar de roman van Arnon Grunberg. Het zou over Namibië gaan en dat zou vast mooie beelden opleveren.

Wij hadden het boek geen van tweeën gelezen, zoals we meestal niks van Grunberg lezen, en konden ons dus laten verrassen. Tirza bleek een meisje te zijn en dus geen leeuwenwelp, zoals de Beschermheer zich al ingebeeld had. En Tirza werd meteen bij het begin van haar film uitgezwaaid door haar vader al was ze daarbij nou niet echt dat je zegt in beeld. Een gegeven dat later in de film nogal cruciaal bleek te zijn.

Tirza laat namelijk niks van zich horen uit vakantieland Namibië. Net examenfeestje gehad, Marokkaans vriendje, en hoppakee weg. Dit tot schrik en bezorgdheid van haar vader (Gijs Scholten van Aschat), de eigenlijke hoofdpersoon van de film, en haar moeder, een knettergek mens. Voor de goede orde vermelden we er nog even bij dat deze twee heel erg gescheiden zijn.

Na een x aantal dagen besluit de vader van Tirza naar Namibië te reizen om zijn dochter te zoeken. Met de tijd wordt de sfeer in de film steeds benauwder. Uit zich zorgvuldig opstapelende flashbacks naar de jeugd van Tirza en de laatste maanden in Nederland, blijkt dat zij niet zo onbezorgd opgegroeid is als zou  moeten. Vader leest haar moeilijke Russische schrijvers voor en laat haar cello spelen. Natuurlijk krijg je daar een beetje anorexia van. En als je vader zich vergrijpt aan een klasgenoot op je eigen examenfeestje word je daar ook niet heel blij van.

Vader laat zich ondertussen bijstaan door een Namibisch meisje van een jaar of acht, dat pedofilie als enige bestaansmiddel heeft en niet bij hem weg te slaan is. Terwijl de kijker zich voortdurend zorgen maakt of de vader van Tirza, die overigens steeds meer alcohol tot zich neemt, sexuele handelingen met het schattige meisje zal gaan verrichten, komen langzaam maar zeker eindelijk de mooie beelden van Namibië, daar waar de film tot nu toe vooral in beklemmende omgevingen gedraaid werd. En als papa Tirza een hevig bloedende zeeleeuw in zijn huurauto laadt, begint het bij de kijker te dagen: er zou wel eens iets anders met Tirza gebeurd kunnen zijn dan tot dan toe werd aangenomen…

Kortom, een beklemmende film met een tragische afloop. Maar er had meer in gezeten. Drie sterren: +++.   Ziehier de trailer trouwens:

Secretaris’ muzikale schijf van vijf (deel 4): Pat Benatar – Love is a battlefield

vrijdag 19 november 2010

In een tamelijk kort tijdsbestek werd de secretaris tot tweemaal toe verrast door het geluid dat de autoradio voortbracht: het nummer ‘Love is a battlefield’ van Pat Benatar. In de ogen van enkele DJ’s kennelijk een echte 80′s-klassieker, deze dijk van een hit uit 1984 (want destijds 4 weken op nummer 1). De secretaris is het hier hartgrondig mee eens: de verveling lijkt nimmer toe te kunnen slaan bij dit rauwe, maar lekker voortmarcherend nummer van deze Amerikaanse zangeres met Poolse roots , die geboren is als Pat Mae Andrzejewski.

Benatar biedt ons een stukje onvervalste Girl Power avant la lettre. De bijbehorende clip versterkt deze attitude: jong meisje verlaat haar ouderlijk huis na een fikse ruzie, terwijl haar broertje nog even treurig uit het raam kijkt. In de grote stad probeert ze zich te handhaven, maar het (liefdes)leven kent op die leeftijd pieken en dalen: ‘We are young, heartache to heartache we stand’. Op 2.10 in de clip zien we de perfect gecaste bad guy verschijnen: een zeer gelikte, maar tevens onfrisse latino die Benatar om zijn vingers probeert te winden.

Hij krijgt echter lik op de stuk van de stoere zangeres en haar vriendinnen: analoog aan Michael Jacksons ‘Beat It’ komen ze met een synchroon dansoptreden op de proppen. ‘Love is a battlefield’ duurt ruim 5 minuten, maar dit is geenszins hinderlijk, mede door het geweldige instrumentale intermezzo waarin de dames hun kunsten vertonen aan deze louche figuur. Helaas heeft Benatar nadien niet veel meer betekend in de hogere regionen van de popmuziek; des te meer reden om dit nummer te blijven koesteren.

Het hachelijke avontuur van Sinterklaas bij het pontje Kessel-Beesel

woensdag 17 november 2010

De secretaris was met zijn directe voor- en nageslacht het afgelopen weekend in een vakantiehuisje in het Limburgse Reuver (gemeente Beesel). Reden was het 40-jarig huwelijk van de ouders van de secretaris, waarvoor vanaf deze plek nogmaals hulde. Het uitje viel tegelijk met de aankomst van Sinterklaas en daarom verdiepte de familie zich in de lokale situatie om een glimp van de Goedheiligman op te vangen. Zoon en dochter waren immers al aardig in de stemming gekomen door de uitzendingen van het Sinterklaas-journaal en de (niet al te spectaculaire) intocht in Harderwijk.

We troffen het, de oude weldoener werd slechts 1 km verderop binnengehaald in het Maasdorp Kessel. Daartoe moest tot grote vreugde van de secretaris en zijn kroost het schattige pontje Beesel-Kessel worden genomen. Aangezien de schipper slechts 20 eurocent rekende voor de overtocht, ging dit drietal nog een keer extra heen en weer (en niet op en neer, zoals vrouwlief suggereerde). Na enkele cappuccino’s en fristi’s in het gezellige dorpscafé, werden regenjas en paraplu meegetorst naar de kade, waar die goede Sint rond lunchtijd zou aanmeren; althans, dat was oorspronkelijk het programma.

Bron: www.plaats.nl

Door het wassende water na de eindeloze regenbuien was de kade geen verantwoorde plek voor een man op leeftijd. De Kesselaren waren geenszins uit het lood geslagen, want niet voor niets was het hele dorp inclusief fanfare voor deze speciale dag uitgerukt. Het organisatiecomité had bedacht om de Sint via het pontje aan wal te laten komen. Een lumineus idee en bovendien een aankomst die de Sint in die eeuwen daarvoor zelden tot nooit zal hebben meegemaakt. De dolenthousiaste gezichtjes van de kinderen bij het naderen van de Goedheiligman deden hun ouders en grootouders bijna smelten. De aanwezige menigte zong Sinterklaas en zijn Pieten uit volle borst moed in om de gewaagde overstap naar de pont te maken.

Een spannend moment volgde: even leek het erop of de schipper van de boot het niet helemaal begrepen had, maar met een snel ingezette schwung werd dan toch connectie gemaakt met de veerpont. Enigszins stijfjes verhief de oude baas zijn been over de reling om vervolgens de Limburgse warmte te ontvangen. Zoon- en dochterlief toonden hun assertiviteit door hun plastic tasje onder de aandacht te brengen van de drukbezette Zwarte Pieten. Helaas zat er in die van zoonlief een gat, waardoor de helft van de buit verdronk op de steiger van het pontje.

Maar niet getreurd: unaniem verkneukelden we ons over deze bijzondere belevenis, ofschoon we Sinterklaas en de Pieten niet meer achterna konden lopen in hun triomftocht door Kessel. De baas van de veerpont was zo vriendelijk om ons weer terug te brengen naar de Beeselse kant, maar dit moest gezien de enorm snelle stijging van het waterpeil zeer rap gebeuren. De secretaris liep die middag nog een rondje hard langs diezelfde plek aan de Maas en zag toen het bordje ‘veer gestremd’ staan. Hij genoot van het mooie uitzicht op de Maas en glimlachte bij de gedachte aan de taferelen die zich enkele uren daarvoor hadden afgespeeld.

So beautiful or so what komt er aan…

woensdag 17 november 2010

Een toevalsbezoekje aan paulsimon.com levert zowaar een nieuwswaardig feit op dat tot nu toe aan ons ontsnapt was. De muzikant op leeftijd komt komend voorjaar met een nieuw album: So beautiful or so what. Simon mag dan rond de zeventig zijn, hij gaat nog altijd met zijn tijd mee. Hij creëerde hoogst persoonlijk een buzz in The New York Times door daar heel sneaky zijn nieuwe werk aan te kondigen. Bovendien heeft hij nu een eerste nummer online gezet. Op zich wel een logisch initiatief, aangezien het – ook al voelt het niet echt als een kerstnummer – over de Kerstman gaat. Er naar luisteren kan op paulsimon.com of hier.

Naar het schijnt vindt Paul Simon zijn nieuwe album, dat geproduceerd wordt door good old Phil Ramone, zijn beste werk in 20 jaar. Dat belooft, want zo slecht waren Songs From The Capeman en Surprise niet.

Maxwell’s spreuken om interessant over te komen.

dinsdag 16 november 2010

Onlangs wees iemand de Beschermheer op een raak citaat: people don’t care about how much you know until they know how much you care.

“Die onthouden we”, dachten wij van NUt direct. Dergelijke spreuken doen het immers zonder meer goed tijdens stilgevallen conversaties op niet nader te noemen verjaardagen, feesten en partijen. Ze camoufleren prima onze sociale onhandigheid, mede veroorzaakt door een gebrek aan dronkenschap.

Zoekend naar de oorsprong van dit citaat, kwamen wij nogal toevallig terecht op de site van een gladjanus in een pak, John C. Maxwell. Wellicht een bekend man, maar niet bij ons. Hij heeft een hele page vol met dit soort rake spreuken. Ideaal voor wannabe wijsneuzen die, zoals wij, graag hun onvermogen verbloemen met her en der een rake spreuk. Here you go!

Zomaar drie bruikbare die u best wel interessant doen lijken:

“If you don’t change the direction you are going, then you’re likely to end up where you’re heading…”

“Change is inevitable. Growth is optional.”

“Everything begins with a decision. Then, we have to manage that decision for the rest of your life.”

P.s. ben niet bang om spreuken te jatten. Die Maxwell-grappenmaker heeft ze heus niet allemaal zelf bedacht :)

Wandelen bij Nijmegen: de N70

maandag 15 november 2010

De Beschermheer was onlangs voor werk in Spanje en bleek daar opeens, tot zijn eigen schrik, een bevlogen wandelaar te zijn geworden. Toen kort daarna Mevrouw de Beschermheer het op haar heupen kreeg en aandrong op “een weekendje weg”, pleitte hij er dan ook vurig voor om de wandelschoenen aan te trekken.

De keuze viel qua bestemming om een onnavolgbare samensmelting van romantische en praktische redenen op Nijmegen. Mevrouw de Beschermheer boekte een willekeurige bed & breakfast en we reden erheen. Eenmaal aangekomen bedacht de Beschermheer dat het wel aardig zou zijn om een erkende wandeling te lopen in plaats van het gebruikelijke geklungel op eigen gelegenheid.

Google hielp en wees ons op het bestaan van de N70 route, die zonder meer met grote geheimzinnigheid omgeven is. Zo valt het niet direct mee om er een kaartje van te vinden. De VVV van Nijmegen heeft het links en rechts verboden om kaartjes te publiceren, ze willen ze liever verkopen voor 2 euro per stuk. Een besluit van een vrolijk stemmende kleinzieligheid dat wij hierbij met nog meer vrolijkheid saboteren door de kaart bij deze nog maar eens te publiceren:

http://www.ilja-bakker.nl/Googlemaps/natuurroute_N70%20XL.htm

Ook bijzonder: de lengte staat te boek als “16-18 km lang”, terwijl soms ook 20 kilometer genoemd wordt. Kort na de start van de wandeling ontdekten we vermoedelijk waarom. De N70 route is een overblijfsel uit het natuurjaar 1970 (!) en op het meest westelijke deel van de route werden zo te zien, of niet te zien eigenlijk, de paaltjes die de route markeren sinds dat heugelijke jaar niet meer vervangen, zodat je al gauw een kilometertje meer of minder in de  benen hebt.

Genoeg gezeurd, wat verder naar het oosten is de markering een stuk gründlicher uitgevoerd, je bent daar dan ook wat dichter bij Duitsland. En de route, dat moet eerst en vooral gezegd, is vooral mooi. De hoogteverschillen zijn on-Nederlands groot, het gaat voortdurend fors op en af en het is genieten geblazen bij de steeds veranderende uitzichten, bossen, weitjes en doorkijkjes. In het westen is de architectuur van de villa’s interessant, het oostelijke deel is heerlijk landelijk. Kortom, de medewerkers van Staatsbosbeheer die de route ooit ontwierpen kunnen nog altijd trots zijn op hun werk.

Zoals op het kaartje te zien loop je tussen Beek, Berg en Dal en Ubbergen door. Ergens bij het meest oostelijke punt ligt het bekende pannenkoekenrestaurant De Duivelsberg, een prima halte om de inwendige mens te versterken. En weer wat verderop kwamen wij bijgaande, bijzondere creatie tegen. Een aanrader, die goeie ouwe N70!


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 137 other followers