Archief voor september, 2011

Carlsberg en 148 bikers in de cinema

woensdag 28 september 2011

Natuurlijk, je kunt een hekel hebben aan reclame. Er wordt veel rommel gemaakt. Maar nieuwe media zorgen er ook voor dat er af en toe iets voorbij komt dat wel degelijk een (glim)lach opwekt. Deze viral van Carlsberg bijvoorbeeld.

Dezső Kosztolányi – De avonturen van Kornél Esti (++++1/2)

maandag 26 september 2011

De secretaris verdiept zich de laatste jaren aanvankelijk bij toeval in het oeuvre van Hongaarse schrijvers. Werd hij eerder al geraakt door de toneelstukken van Ödön von Horváth en de sfeerverhalen van de Oostenrijk-Hongaarse schrijver en journalist Joseph Roth, recent was dankzij een Trouw-recensie de beurt aan de in 1885 geboren Dezső Kosztolányi. Van zijn hand verscheen dit voorjaar een uitstekende vertaling van een reeks verzamelde verhalen: de bundel ‘De avonturen van Kornél Esti’.

Kornél Esti is het schelmachtige alter ego van Kosztolányi. Het eerste deel van de bundel bevat 17 verhalen rondom deze hoofdpersoon. De uitgave is aangevuld met verhalen die qua sfeer passen bij de Esti-verhalen. Het eerste deel is werkelijk om van te smullen. Kosztolányi schotelt de lezer een aaneenschakeling van zeer gevarieerde, soms absurde vertellingen voor, waar de secretaris regelmatig perplex van stond. De Hongaar opent al sterk met een verrassend eindigend relaas over een arme student die tijdens een reis in een chique restaurant in Zürich belandt.

Bron: boekvertalers.nl

Ronduit geestig is het verhaal over een manuscript dat Esti voor een erudiete dame door hem van commentaar moet voorzien. Hoewel hij zich vereerd voelt, heeft hij geen enkele zin om het ellenlange document door te nemen. Nadat hij haar voor de zoveelste keer tegenkomt, wringt Esti zich in allerlei bochten om de schijn op te houden:

“Ik had gewoon kunnen zeggen dat haar nieuwe roman geniaal was, en haar eerdere werken in ruime mate overtrof. Tegen zoiets hebben mensen die schrijven meestal geen bezwaar, is mijn ervaring. Maar aangezien ik al wroeging had, en me schuldig voelde door mijn laaghartige leugen van daarnet dat ik haar manuscript had gelezen, waardoor ik me een verdorven avonturier of internationaal gezochte oplichter voelde, wilde ik mijn lichtzinnigheid van daarnet goedmaken. Gegrepen door een volkomen onverklaarbare eerlijkheidswaan, waardoor ik van de regen in de drup terechtkwam, verklaarde ik opeens: ‘Ik heb bezwaren, mevrouw’.”

Kosztolányi doceert ons daarnaast over hoe het best te liegen, bijvoorbeeld over te laat komen. Men moet vooral een zeer onwaarschijnlijk argument te berde brengen, want alleen het ongelofelijke is werkelijk geloofwaardig. Hij haalt als excuus een wandeling met een overleden persoon van stal en verklaart daarbij dat de overlijdensadvertentie van destijds een vermakelijke vergissing is geweest die door een nog vermakelijkere vergissing niet is gerectificeerd.

Hoewel de verhalen in verschillende jaren verschenen zijn, lijkt met name het eerste deel in één grote ‘brainwave’ geschreven te zijn. Kosztolányi is stilistisch meesterlijk, ‘goddelijke kroegtaal’, zo stelde recensent Henk Pröpper (NRC) zeer typerend. De onderwerpen zijn soms zeer origineel en brengen een mengeling van diepere inzichten en menselijke ondeugden, met een spottende ondertoon. De secretaris las maar niet te veel verhalen achter elkaar, anders had hij niets leuks meer in het verschiet. Zijn er nog minpuntjes te noemen? Eentje dan. In het tweede deel kan Kosztolányi het hoge niveau niet altijd vasthouden, zodat een enkel verhaal wat tegenvalt.

Na deze ervaring gaat de secretaris spoedig op zoek naar de andere Esti-bundel, ‘De bekentenissen van Kornél Esti’, verschenen in 2007. Dat kan nog lastig worden, want de drukpers schijnt niet bijster vaak gerold te hebben voor deze toch zeer talentvolle schrijver. Onterecht; de secretaris deelt voor ’De avonturen van Kornél Esti’ sans gêne ++++1/2 uit!

Het beslissende moment – Malcolm Gladwell +++

zondag 25 september 2011

Malcolm Gladwell kwam op dit blog al eens eerder voorbij. Het baanbrekende onderwerp destijds was spaghettisaus, of meer specifiek, marktonderzoek onder liefhebbers van dit voedsel. Al met al aanleiding genoeg om ons verder te verdiepen in Gladwells werken, waarvan “Het beslissende moment” wellicht het meest vooraanstaande is.

bron: fresh brewed blog

De oorspronkelijke titel van dit boek luidt: “The tipping point”. Het verwijst naar het punt waarop een voorzichtige trend een allesoverheersende epidemie wordt die iedereen infecteert. Een bepaald soort schoenen bijvoorbeeld, een televisieserie, of – en daar lag vooral de belangstelling van de Beschermheer – een internetviral.

Gladwell ontleedt een aantal zaken op keurige wijze. Drie soorten mensen blijken belangrijk om een viral in gang te zetten: verbinders, kenners en verkopers. De eerste soort kent ontzettend veel mensen redelijk oppervlakkig. De tweede soort is van het type dat altijd overal van op de hoogte is en zijn info graag met je deelt. En de derde soort weet je heel subtiel te overtuigen als je nog niet overtuigd bent.

Verderop in het boek kwam de beschermheer nog iets veel interessanters tegen. Gladwell behandelt ergens groepsgrootte en daar blijken interessante tipping points bij te zitten. Boven de 12 man blijkt een groep significant te veranderen. We kunnen namelijk maar ongeveer 12 mensen handlen op een bepaald relatieniveau. Worden het er meer, dan gaan we anders met elkaar om. Hetzelfde blijkt te gelden bij 150 man.

Malcolm Gladwell (gladwell.com)

Voor het laatste getal draagt de auteur interessant bewijs aan. Zowel in Noord- en Zuid-Amerika alswel in Azië blijken hechte, vaak primitieve mensen gemiddeld uit 148,zoveel mensen te bestaan. Wordt de groep groter, dan splitsen zij zich op. Dat zal niet voor niets zijn.

Het Amerikaanse bedrijf Gore (van de Gore Tex), heeft zonder er al te veel over na te denken deze strategie gekopieerd. Zij werken met afdelingen van maximaal 150 man die veel autonomie hebben en weinig hiërarchie. Zodra de afdeling uit zijn jasje groeit, moet er een nieuwe afdeling opgericht worden. Niet op een nieuwe verdieping van een saaie kantorenflat, nee, in een nieuw gebouw op gepaste afstand. Het schijnt te leiden tot indrukwekkende resultaten.

Zoiets zet de Beschermheer aan het denken. Zou een studierichting groter mogen zijn dan 150 studenten? Een klas groter dan 12 man? Wat vindt u?

Oh jee, er moeten nog sterren uitgedeeld worden. Gladwells werk is interessant, maar soms was er toch de verleiding om stukken over te slaan. En naar het einde toe nam weliswaar het aantal te lezen pagina’s af, maar de vermoeidheid duidelijk toe. We hadden er net iets meer van verwacht, drie sterren derhalve: +++

De vloek van de regenboogtrui hopelijk uitgebannen

vrijdag 23 september 2011

Overmorgen volgt de apotheose van het WK wielrennen in Kopenhagen. Een internationaal gevarieerd gezelschap wedijvert dan om de felbegeerde regenboogtrui. De winnaar wacht naast roem en faam ook volop media-aandacht. Het kleurrijke tricot valt immers op in het peloton en er mag een heel wielerjaar van worden genoten. Sommige renners krijgen er extra vleugels van, zo bewees Thor Hushovd dit jaar. De krachtige Noor won in de Tour de France van 2011 maar liefst twee etappes, waarvan eentje (de bergrit naar Lourdes) op zeer indrukwekkende wijze. Het was alweer negen jaar geleden dat een wereldkampioen het jaar daarop een touretappe won. Oscar Freire viel toen die eer te beurt.

Hoe anders verging het sommige winnaars in het verleden. Het lukte hen niet of nauwelijks om het jaar erop ook maar een koers van betekenis te winnen. Wie herinnert zich Igor Astarloa nog? De Spanjaard kwam in 2003 in het Canadese Hamilton verrassend als eerste over de streep. De jaren erna reed Astarloa nog geen deuk in het spreekwoordelijke pakje boter en tot overmaat van ramp kwam hij in een dopingschandaal terecht. In 2000 stond de Let Romans Vainsteins op het hoogste schavot om er in de rest van zijn carriere er vervolgens heel hard af te vallen. De Nederlander Harm Ottenbros, winnaar in 1969, werd het zelfs zo zwaar te moede dat hij niets meer met het wielrennen te maken wilde hebben en zijn stalen ros van de Zeelandbrug gooide.

Harm Ottenbros

Legt het regenboogshirt een te grote druk op de drager? Wordt de wereldkampioen teveel in beslag genomen door media-optredens en andere plichtplegingen? Verscheidene winnaars vroegen het zich af. Het kan echter nog een beduidend graadje erger: bij enkele wereldkampioenen sloeg vlak erna het noodlot toe. De Belg Stan Ockers was in 1955 de beste in Rome, maar een jaar later overleed hij aan de gevolgen van een val op de piste van het Antwerpse Sportpaleis. Van Tommy Simpson kennen we de dramatiek: twee jaar na het behalen van het wereldkamioenschap stierf hij op de flanken van de Mont Ventoux.

En wie kent nog het verschrikkelijke verhaal van Rudy Dhaenens? Een aanzienlijke surprise was het, toen hij de regenboogtrui mocht aantrekken in 1990. Twee jaar later moest de Belg stoppen met wielrennen vanwege hartproblemen. In 1998 was het drama compleet: Dhaenens kwam om bij een auto-ongeluk, op weg naar de Ronde van Vlaanderen die door zijn vriend Johan Museeuw werd gewonnen.

Jean-Pierre Monseré en zijn zoontje Giovanni in betere tijden

Helaas is er nog één aangrijpender, zeer hartverscheurende geschiedenis. De talentvolle Belg  Jean-Pierre ‘Jempi’ Monseré werd al op 22-jarige leeftijd wereldkampioen. Een grootse loopbaan lag in het verschiet, maar zes maanden later ging het helemaal verkeerd. Monseré verongelukte nota bene gehuld in de regenboogtrui op het asfalt van Retie, na een botsing met een auto op het parcours.

Voor de weduwe Monseré was de ellende echter nog niet afgelopen. In 1976 kwam de zevenjarige Giovanni Monseré om het leven door op een vergelijkbare manier als zijn vader tegen een auto aan te rijden — met de fiets die hij voor zijn eerste communie had gekregen van Freddy Maertens, samen met een klein model van vaders wereldkampioenstrui.

Na al deze akelige verhalen zou je bijna de renners verbieden om zondag op de fiets te stappen. Maar, we weten het: er is bijna geen sport waar hoogte- en dieptepunten zo dicht bij elkaar liggen. Hopelijk heeft Hushovd de weg geplaveid voor succesvolle wereldkampioenen  en daarmee ‘de vloek van de regenboogtrui’ definitief uit het peloton verbannen.

Fritz Langs ‘Frau im Mond’, begeleid door musicus Joost Langeveld: ++++

maandag 19 september 2011

De secretaris heeft de smaak te pakken van oude beelden die bijna letterlijk nieuw leven worden ingeblazen door ze te voorzien van onverwacht geluid, zie hier voor een eerdere, dadaïstische ervaring. Afgelopen vrijdag was de secretaris één van de gelukkigen die de uit 1929 daterende film ‘Frau im Mond’ van zijn favoriete regisseur Fritz Lang zag, begeleid door orgelimprovisaties van de lokale musicus Joost Langeveld. De voorstelling vond plaats in het kader van het muziekfestival ‘Ruimte’. Locatie van dit bijzondere spektakel was de Stevenskerk in Nijmegen, waar voor deze gelegenheid een flink projectiescherm was neergezet.

Bron: blinkbox.com

‘Frau im Mond’ (Vrouw op de maan) is een stomme film die precies veertig jaar voor de eerste maanlanding uitkwam. Het is tevens de eerste wetenschappelijk SF-film. Lang zou Lang niet zijn, als hij zich niet terdege op deze productie had voorbereid. Hermann Oberth, die een standaardwerk over de techniek van de raketbouw had geschreven, werd de belangrijkste adviseur van Fritz Lang. Het enorme succes van de film leidde ertoe dat in 1930 besloten werd om een daadwerkelijk begin te maken met de ontwikkeling van een lange-afstandsraket. Dankzij de wetenschappelijke adviezen lijkt de fictieve maanvlucht uit 1929 in diverse opzichten bedrieglijk veel op de reële van 1969.

Langeveld koos gezien de behoorlijke lengte van de film (2 uur en 40 minuten) om te starten vanaf het moment dat de raket de lucht in gaat. Als we andere filmliefhebbers overigens mogen geloven, missen we aan het niet vertoonde eerste deel weinig. De bemanning is een vijftal: de ondernemer Helius en zijn technische compagnon Windegger. Professor Manfeldt is ook van de partij, aangezien hij beweert dat er goud op de maan te vinden is. Naast deze economische belangen en hang naar avontuur gaan tijdens de tocht ook amoureuze factoren een rol spelen: de stagiaire techniek Friede is verloofd met Windegger, maar lijkt een diepere band te hebben met Helius. Het bonte gezelschap wordt gecompleteerd door de kapitalist Walter Turner, die ook een flinke vinger in de pap wil hebben.

Alhoewel de echte maanlanding in 1969 er vast iets anders aan toe ging, zijn de beelden van de raket en de lancering zeker de moeite waard. Het interessante aan de maanreis in ‘Frau im Mond’ is dat Lang zich niet alleen beperkt tot technische aspecten, maar dat hij ook de tegenstrijdige belangen en intriges goed uit de verf laat komen, met een best aardige ontknoping. Het acteerwerk valt niet altijd mee: begrijpelijk dat expressie bij stomme films extra aangezet moet worden, maar op sommige momenten verwordt deze kunst tot een te grote portie melodramatiek. Bovendien wordt Manfeldt wel erg als een stereotype professor weggezet, zodat hij al snel begint te vervelen.

Joost Langeveld (Bron: nijmeegseorgelkring.org)

Langevelds begeleiding is zonder meer uitstekend en opportuun te noemen. Na verloop van tijd begon de secretaris welhaast te vergeten dat het niet de originele muziek is, maar dat er achter in de Stevenskerk iemand gepassioneerd het beroemde orgel aan het bespelen is. Dat Langeveld ervaring heeft met improvisaties bij stomme films, moge duidelijk zijn. Op (anti-)climaxen wordt feilloos ingehaakt door de goed geprepareerde musicus, die momenteel muziekgeschiedenis aan de HOVO doceert.

Kortom, een bijzondere avond waar de secretaris door de synergie van film en geluid tot een ++++ komt!

De Lance Factor – Mart Smeets (+++)

zaterdag 17 september 2011

Onlangs kreeg de Beschermheer van een attente collega een boek in de handen gedrukt over Lance Armstrong. Daarmee was het boek bij voorbaat interessant, want Lance, daar willen we natuurlijk het fijne wel van weten. The man is a story: opgegroeid zonder vader, op jonge leeftijd wereldkampioen wielrennen, getroffen door kanker, bewonderenswaardig teruggekomen, zevenvoudig tourwinnaar, begenadigd fund raiser voor Livestrong en toekomstig Amerikaans president. Een unieke sportman en een unieke persoonlijkheid.

Het boek heet De Lance Factor en is van de hand van good old Mart Smeets. Wij Nederlanders denken altijd dat Smeets en Armstrong een soort van vrienden van elkaar zijn, maar dat is natuurlijk niet zo. Ze tolereren elkaar, dat wel. En dat is in beide gevallen misschien op zich al wel bijzonder te noemen. Wel is het zo dat Smeets met al zijn vakmanschap in het verleden prachtige televisie wist te maken van en met de Texaan.

En nu dus een boek over the man. Dat boek is geschreven op zijn Smeets: het leest vlot weg en altijd heeft de lezer het gevoel dat Smeets er ergens de rem op heeft als het gaat over dopingkwesties. De door hemzelf aangehaalde omerta?

De Lance Factor kent een wat aparte opbouw. Elk hoofdstuk behandelt een aspect van Lance en zijn omgeving: Lance en zijn teamgenoten, Lance en zijn vrouwen, Lance en zijn tegenstanders, Lance en zijn ploegleiders, etc. Deze stukken zijn waarschijnlijk nogal los van elkaar beschreven, want af en toe valt Smeets een beetje in herhaling als het gaat om anekdotes, overigens zonder dat dit erg storend wordt. Elk hoofdstuk bevat op zijn beurt weer een aantal anekdotes waaruit blijkt hoe speciaal Armstrong was en is, als sporter en als mens. Op den duur word het wel wat vermoeiend dat elke anekdote beëindigd wordt met een dubbele punt, gevolgd door de Lance Factor. Voorbeeld: renner zus en zo reed niet volgens de afspraken met Armstrong en won vervolgens nooit meer een wedstrijd: de Lance Factor. Daar waar het gissen is of er sprake is van de Lance Factor, staat er voor de afswisseling een vraagteken: de Lance Factor? De uitgever had hier wel wat kritischer naar mogen kijken.

Wie Smeets’ werk goed kent en al een aantal boeken van en over Lance gelezen heeft, komt overigens niet heel veel nieuwe stof tegen. Mooiste passage is het verslag van Armstrong aan de Daniel den Hoed kliniek in Rotterdam, aan de vooravond van de Tourstart in Rotterdam. Het boek van Mart Smeets is tot slot goed gedocumenteerd, beter dan veel andere gelijksoortige werken, dat wel. Goed dus, dat hij het geschreven heeft, drie NUt sterren: +++.

 

Foto: bol.com

Kleine dingen groot (5)

vrijdag 16 september 2011

Wie, zoals de Beschermheer, houdt van uitvergrotingen van kleine dingen, kan zijn hart ophalen in Eindhoven. En dan vooral rondom de gebouwen van Fontys in Woensel. Daar zijn voor de marketingcommunicatie van de hogeschool die studenten aanmoedigt om groter te denken een boel uitvergrote spullen waar te nemen. Een van de leukste is deze punaisestatafel. Goed design, dat het leven een beetje leuker maakt, zoals dat eigenlijk altijd het geval is bij goed design.

Nelson Mandela By Himself (+++½)

vrijdag 16 september 2011

Mandela leest besproken boekTijdens het bezoek aan Zuid-Afrika bezocht de Voorzitter, boekenliefhebber als hij is, meerdere boekwinkels.

Zo waren daar de stoffige tweedehands boekwinkeltjes en een heel specifieke winkel (de Voorzitter trof hier de ultieme combinatie van boeken, espresso en lederen fauteuils!). Ook een winkeltje met enkel Zuid-Afrikaanse titels ontbrak niet aan het rijtje. De eigenaar hier leek te worstelen met de ‘nieuwe wereld’. Zijn buitenlandse klant moest hij telefonisch teleurstellen vanwege het ontbreken van een webwinkel …

Enfin, lezen verrijkt, zoals Nelson Mandela zou zeggen: ‘When we read we are able to travel to many places, meet many people and understand the world. We can also learn how to deal with problems we are having by learning from the lessons of the past.’

Het citaat komt uit Nelson Mandela By Himself (the authorised book of quotations). Eigenlijk kocht ik het omdat Nelson Mandela By Himselfje van deze man wijsheid en visie verwacht. De citaten zijn een verzameling uit interviews, lezingen en literatuur, samengesteld door Sello Hatang en Sahm Venter en geautoriseerd door Mandela.

Thema’s variëren van ‘farming’ (Farming is not an easy thing) tot ‘marriage’, van ‘prison’ tot ‘Hollywood’; de man heeft werkelijk over alles iets gezegd. Zijn het wijze uitspraken of gemeenplaatsen? Je leest ze en denkt ‘zo is het’ en het is knap dat de man alles doorziet.

De Voorzitter mist echter uitspraken over het internet … maar wat heb je aan internet als je het echte leven niet kent, moet Mandela hebben gedacht. Waarom koop je een boek via een webshop als je het niet eens in je handen hebt gehad?
In Zuid-Afrika hebben ze nog de tijd en de ruimte om goed na te denken.

(Afbeeldingen: Nelson Mandela Foundation)

Wat vindt u van de wereld van nu?

woensdag 14 september 2011

Vandaag had de Beschermheer het met zijn HBO studenten over zingeving. Gevoel voor zingeving is namelijk een essentiële vaardigheid voor mensen die ideeën willen ontwikkelen die andere mensen raken. En dat is weer de essentie van creativiteit. Een intrigerende vraag daarbij: Wat vind je van nu? En dan nu in de zin van “de wereld en de tijd waarin we leven.”

De Beschermheer vindt het zonder meer boeiend om te zien hoe een 18/19/20-jarige een antwoord formuleert op zo’n pittige vraag. Een paar voorbeelden:

“Tegenwoordig is iedereen heel erg op zichzelf. Mensen weten niet wie hun buurman of buurvrouw is en interesseren zich hier ook minder voor. Dit vind ik best wel jammer. Het hogerop komen is tegenwoordig ook van belang. Er wordt gepushed dat je een diploma moet hebben want anders heb je ook geen goede baan. Wat is er mis met je inkomsten verdienen door onderaan in de ladder te werken?  Verder is de wereld van nu heel gemoderniseerd. Geen zin om te koken en geen contant geld? Bestel je toch lekker wat op internet. Mensen vervreemden zich hierdoor ook steeds meer van elkaar. Je hoeft niet meer langs te komen bij iemand om te weten hoe het gaat. Je stuurt gewoon even gauw een mailtje of een smsje. Het fysieke contact wordt steeds minder.”

“De wereld is lastig. Veel problematiek.  Er is weinig onschuld. Op steeds jongere leeftijd wordt er van je verwacht dat je weet wat je wil. Alles moet snel, duidelijk. Als je niet weet wat je wil wordt er al gauw een stempel gedrukt. Dom, naïef, ambitieloos. De wereld en de natuur spreken elkaar tegen.  Bijvoorbeeld vrouwen moeten op jonge leeftijd carrière maken. Maar ook het liefst zo jong mogelijk kinderen krijgen. Wanneer je een baan zoekt, wordt er verwacht dat je jong bent met 20 jaar ervaring. We willen van alles, maar wat is er echt mogelijk? Zullen onze kinderen nog een liefdevolle wereld kennen of worden zij geboren met de problemen van de hele wereld? Oorlog, haat, vandalisme,onveilig. Nou klinkt dat allemaal heel negatief, en uiteraard heeft de wereld van nu zijn voordelen, erg veel zelfs. Maar of dit stand houd tegen al het negatieve? “ 

“Nieuwsgierig over vroeger, benieuwd naar de toekomst. Geniet van het nu. Het studenten leven, volgens velen de beste tijd van je leven, dus laten we dat maar proberen waar te maken!”

Natuurlijk kwam ook de vraag wat de Beschermheer er in al zijn wijsheid van denkt, van de wereld waarin we leven. Natuurlijk is die verrot en kloppen veel dingen niet. Er is te veel leed en te weinig liefde. Maar dat is al eeuwen zo. Als ik kijk naar de wereld van nu dan prijs ik mij gelukkig te mogen leven middenin de sociale media revolutie. Nooit eerder in de geschiedenis van de mensheid hadden u en ik zoveel expressiemogelijkheden. Wij van NUt schrijven een vrolijk blog dat iedereen met een internetconnectie kan lezen. We kunt tekst met u delen, of foto’s, of film. U kunt reageren, we kunnen elkaar uitdagen, samen vrolijkheid creëren of samen zoeken naar, jawel, zingeving, Wat een rijkdom :) Amen.

Gekscherend

dinsdag 13 september 2011

Het sterkste geslacht is het vrouwelijk geslacht, dat is overduidelijk. Het is bewonderswaardig hoe de vrouwen om ons heen maandelijks hun hormonale ongerief weten te overleven. Doen zich die niet voor, dan is de kans aanwezig dat de dame in kwestie zich door een vermoeiende zwangerschap sleept. En elke man die ooit getuige is geweest van een bevalling, krijgt diep, diep respect voor zijn zwoegende levensgezellin.

De ongemakken van een man steken daar uiteraard schril bij af, maar ‘we’ zijn er niet helemaal van gevrijwaard. De secretaris baalt al dik 15 jaar van die vervelende haargroei die dagelijks zijn gezichtsstreek teistert. Want scheren, dames, is in tegenstelling tot wat enkele reclames ons voorspiegelen, echt geen stoere danwel prettige activiteit.

De secretaris kortwiekt zich doorgaans ‘s avonds, zodat de ontstane rode vlekken in de nacht rustig kunnen bijtrekken en hij de volgende dag geen rottige opmerkingen van collega’s naar zijn hoofd geslingerd krijgt. Nadelig gevolg is echter dat de volgende lading stoppels zich overdag al weer aan het front meldt. Het uiterlijk van de secretaris kan daarmee niet helemaal als ‘verzorgd’ worden betiteld, hetgeen zelfs kan leiden tot minder zakelijk of persoonlijk succes.

Bron: dokter.nu

Sommige mannen moeten zelfs meer dan eens per dag het scheermesje of -apparaat ter hand nemen. Bekend voorbeeld is natuurlijk onze voormalig premier Lubbers, die zich tijdens dienstreizen achterin de auto zat bij te scheren. Om al dit pijnlijk gedoe te voorkomen, zouden we onze baard kunnen laten staan. Naast het gegeven dat een baard slechts bij een kleine minderheid van de mannen van toegevoegde esthetische waarde is op het gelaat, komt dit prikkende lichaamsdeel de eigenaar op extra distantie bij vrouwlief, kinderen en andere naasten te staan.

Over de methode gesproken: de secretaris is onlangs overgestapt naar een combinatie van nat en droog scheren. Al vanaf het begin hanteert hij het scheerapparaat, maar de laatste maanden sloeg de irritatie zowel fysiek als mentaal steeds meer toe. Een klein decennium geleden probeerde hij een blauwe maandag het scheermesje uit, maar dat resulteerde destijds in een onevenwichtig haarbeeld en een behoorlijk toegetakeld gezicht. Enkele weken geleden blies hij deze werkwijze nieuw leven in, ditmaal met een beduidend betere afloop. Vrouwlief was in ieder geval te spreken over zijn gladde konen en een extra streling was zijn deel.

Ofschoon het daarbij bleef, ziet de secretaris op dit terrein eindelijk eens wat lichtpuntjes. Hij is benieuwd naar de ervaringen en tips van lotgenoten om deze stijgende lijn voort te zetten!


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 137 other followers