Archief voor november, 2011

Uitblinkers – Malcolm Gladwell

maandag 28 november 2011

De Beschermheer zag onlangs Malcolm Gladwell in het echt en concludeerde: dit is een rasverteller. Zoals dat gaat bij zo’n gelegenheid stond hij voor hij het zelf in de gaten had met een tweetal boeken van de beste man in de handen, een totaal ongeplande aankoop. En als je dat soort boeken eenmaal hebt, kun je ze net zo goed lezen.

Het bleken bepaald geen miskopen. Neem nou het boek Uitblinkers. Gladwell constateert terecht dat we aan mensen die uitblinken in een bepaalde discipline (sport, ondernemer, kunst) overdreven veel kwaliteiten toeschrijven. Overtuigend bewijst hij dat deze uitblinkers weliswaar inderdaad veel talent hebben en zonder uitzondering hard gewerkt hebben om dit talent uit te bouwen, maar dat ze stuk voor stuk ook geluk gehad hebben et de kansen die zich aangediend hebben door het tijdsvak waarin ze geboren werden, hun leefomgeving, hun gezinssituatie, hun cultuur, etc.

Wat cultuur betreft: wist u dat de meeste vliegtuigongelukken zich voordoen in situaties waarbij de meest ervaren van de twee piloten (er zijn er altijd minsten 2 aanwezig in een verkeersvliegtuig) achter de knuppel zit? De minder ervaren piloot durft namelijk, zeker in landen met culturen die hoog scoren op de cultuurdimensie machtsafstand (Hofstede, Allemaal Andersdenkenden), zijn meer ervaren collega niet goed aan te spreken op de fouten die deze maakt. Echt waar: er zijn vliegtuigen uit de lucht gevallen omdat piloten uit Zuid-Amerika (grote machtsafstand) niet aan de bazige Amerikaanse verkeersleider (kleine machtsafstand) duidelijk wisten te maken dat de brandstof bijna op was (verkeerstoren: “U dient nog even rond te blijven cirkelen” – Piloot:  ”Als de baas het zegt…”).

We zijn de link van de laatste anekdote met het begrip Uitblinkes even kwijt, maar Gladwell is ook op papier een meesterverteller. En het blijkt geenszins toeval te zijn dat Steve Jobs en Bill Gates ongeveer even oud zijn/waren. Zijn boeken zijn genieten. Interessant. Vier sterren voor Uitblinkers. Over het andere boek, Intuïtie, hebben we het vast nog wel eens.

Marco Tempest: leuke combi tussen AR en illusionisme

vrijdag 25 november 2011

De Beschermheer van NUt vond goochelaars altijd nogal kansloze types. Eerst en vooral was dit te wijten aan Hans Kazan, wiens RTL 4 achtige instelling ons reeds op jonge leeftijd mateloos irriteerde. Een jaar of wat geleden deed een collega van Hans, Christian Farla, echter een kaartentruuk voor waar wij wel degelijk bijzonder van onder de indruk waren. En nu is er dit filmpje van Marco Tempest, die augmented reality aan illusionisme koppelt. Wij laten voorlopig onze scepsis varen, want dit is leuk gedaan!

Schoolplein blues

dinsdag 22 november 2011

De achtertuin van het onderkomen van de secretaris grenst aan het plein van de basisschool waar zijn kinderen onderwezen worden. Dit levert natuurlijke enkele voordelen op: in de ochtendhectiek bespaart het logistieke tijd en ook tussen de middag hoeft de boterham dan niet met gezwinde spoed opgeschrokt te worden. Daarnaast beschikt het gezin secretaris buiten schooltijden over een soort verlengde tuin waar de kinderen relatief veilig kunnen uitrazen.

Een voordeel dat de secretaris van te voren nog niet onderkende, is dat hij grotendeels gevrijwaard blijft van de ongelooflijke hoeveelheid gezwets bij het einde van het ochtend- en middaggedeelte. Twee minuten voor tijd stapt hij over het hekje en binnen een mum van tijd komen zijn nakomelingen hem meestal enthousiast tegemoet. Op dat moment hebben vele ouders al minuten lang elkaar staan vermoeien met gewauwel, geouwehoer, genuil, gezwam, geleuter en wat dies meer zij. Nergens op aarde wordt zoveel onzin verkocht in zo weinig tijd en op zo weinig vierkante meter.

Bron: girlsinthecity.nl

Er zijn er bij die zich zelfs ruim een kwartier te vroeg melden op of bij het schoolplein om een slachtoffer te vinden voor hun zogenaamd interessante belevenissen. Er wordt tegen elkaar opgeschept over de kinderen, gezeken over school, directeur of leerkrachten en quasi populair gelachen. Opvallend vaak zijn het vrouwen met een vervelend scherpe stem, voorzien van slecht gewassen of gemodelleerd haar en sigaret. Niet dat de vaders er allemaal beter vanaf komen: sommigen zitten met hun vroegtijdige pens in de auto met ronkende motor te wachten tot hun kroost teleurgesteld het voertuig betreedt.

De secretaris kan er maar moeilijk aan wennen.  We staan daar toch niet voor onszelf, maar voor de kinderen. Natuurlijk heeft hij ook enkele contacten met in zijn ogen verstandige ouders die de rust en bescheidenheid zelve zijn. Bovendien maakt het ‘deurmoment’ gelukkig veel goed: een snoetje dat driftig om zich heen kijkt om papa’s gestalte te ontwaren tussen de melee aan ouders. En dan de blikken die elkaar kruisen: onbetaalbaar….

Inderdaad, het kan: mooie foto met de iPhone 4

zondag 20 november 2011

Zoals de titel al zegt: het blijkt mogelijk om met de camera van een iPhone 4 aardige foto’s te maken. Wij zijn enthousiaster over de videomogelijkheden, maar waren toch aangenaam verrast over onderstaand beeld. De vraag aan u is natuurlijk: waar is dit? De Voorzitter is uitgesloten van deelname.

Dr. Katz professional therapist

zaterdag 19 november 2011

Misschien gaat er een lichtje branden als u de titel van deze post leest. De kans is groter dat dat lichtje niet gaat branden.
Dr. Katz is een Amerikaanse animatieserie die begin deze eeuw werd vertoond op de Nederlandse tv (de VPRO, meen ik). De hoofdrolspelers zijn de archetype psychiater Dr. Katz, zijn zoon Ben (die maar niet volwassen kan worden noch een baan vindt) en de chagrijnige receptioniste van Dr. Katz, Laura (waar Ben een oogje op heeft).

De afleveringen bestaan uit gesprekken met patiënten die de raarste wendingen nemen en huiselijke taferelen met Dr. Katz en zoonlief Ben. Variërend van thema’s als ‘wat doe je op de zaterdagavond’ of de ‘verstandskiezen van Ben’.
De scènes worden steevast ingeleid door een soepele jazz-tune vergezeld met een zwart-wit beeld van bijvoorbeeld de gevel van het appartement van de Katzes. De hele serie is gemaakt in Squigglevision; enkel de personen en de voorgrondobjecten worden gekleurd, terwijl de achtergrond zwart-wit blijft. De kleuren vertonen een typisch bevend karakter.
Ik zal u verder de details besparen. Wat ik kan zeggen is dat een aflevering van Dr. Katz mij altijd een bijzonder opgewekt gevoel gaf. Zonder dus die € 75,- consultkosten (of hoeveel is het tegenwoordig?).

Hieronder een voorproefje, meer voorbeelden zijn te vinden op YouTube.

Kleur bekennen (2): oranje

vrijdag 18 november 2011

Het heeft even geduurd, maar vandaag maken we haast met de tweede aflevering van de serie ‘kleur bekennen’. Want voor je het weet, zijn die prachtige herfstkleuren door Koning Winter weggeblazen. De secretaris zal vooral met weemoed terugdenken aan die prachtige oranje tinten die de bomen zo’n weelderige aanblik geven. Met paars, de kleur die deze reeks opende, is oranje dan ook de favoriete kleur van de secretaris.

Oranje is in de eerste plaats natuurlijk de kleur van de warmte. Steeds meer (hippe) barretjes zijn op het slimme idee gekomen om hun interieur een flinke lik oranje mee te geven. Onderschat niet wat voor prettig gevoel en gastvrijheid deze kleur oproept. Hopelijk ondergaan gasten in huize secretaris dezelfde ervaring, want één wand is 100% oranje. Gecombineerd met zijn directe buur in het kleurenspectrum, rood, vormt oranje de magistrale terra-variant. ‘Terra’ betekent aarde, en dat verklaart wellicht het intense karakter van die kleur.

Het meest succesvolle oranje (1988)

Maar bovenal is oranje synoniem voor Nederland. Sinds onze ‘Vader des Vaderlands’ Willem van Oranje in de 16e eeuw Nederland naar de zelfstandigheid leidde, is oranje de nationale kleur. In de Nederlandse vlag komt de kleur niet meer voor. Het rood was oorspronkelijk oranje, naar de naam van het vorstendom Orange, waar het latere koningshuis mee verbonden raakte. In de loop van de 17e eeuw werd het vervangen door vermiljoenrood, dat tijdens zeeslagen makkelijker te herkennen was.

Voordeel van oranje als volkskleur is dat het nationale voetbalelftal een unieke verschijning is tussen het wit, rood of blauw van andere grootmachten, alhoewel we op het WK van 2006 plotsklaps het oranje van Ivoorkust ontmoetten. De secretaris is benieuwd of al eens onderzocht is welk sportpsychologisch effect de kleur heeft; van het Braziliaanse kanariegeel schijnen immers ook speciale krachten uit te gaan.

Het woord oranje is afkomstig van het Perzische narang (het Spaanse naranja), dat sinaasappel betekent. Met deze vrucht komen we wederom bij de Franse stad Orange uit, want die plaats was ooit een centrum van sinaasappelhandel. Het Nederlandse koningshuis dankt zijn naam dus eigenlijk aan de sinaasappel! We zingen in deze periode overigens over deze ‘appeltjes van oranje’, getuige het lied ‘Sinterklaas die goede heer’.

Bron: tuinen.nl

Vruchten of groenten met een oranje kleur zijn niet te versmaden en vormen qua vitamines een uitstekende aanvulling op anders getinte soortgenoten. De secretaris verhaalde al eens over de pompoen, maar wat te denken van de oranje paprika: de lekkerste in zijn genre! In pakken ‘multivitamine’ zult u regelmatig de papaya onder de ingrediënten aantreffen. Een bijzondere vrucht die, net als wortel, rijk is aan bètacaroteen. Last but not least is daar uiteraard de abrikoos, een zeer appetijtelijke vrucht. Een pak dubbeldrank met sinaasappel en abrikoos giet de secretaris gulzig in zijn keel. Als los fruit is de abrikoos niet op zijn allerbest, maar gedroogd in gerechten en in (kruimel)gebak kent de vrucht geen meerdere.

Na deze kleurbekentenis weet u nu hoe u het best de secretaris kunt ontvangen!

Das Mädchen auf der Treppe (Eighties-nostalgie XVII)

zaterdag 12 november 2011

In de jaren tachtig zetelde zo’n beetje iedere Duitse huisvrouw zich zondagavond om 20.15 uur voor de televisie om op Tatort af te stemmen. Hoofdcommissarissen Schimanski en Thanner speelden, van 1981 tot 1991, in deze hitserie.

Tatort

Jaren later werd de serie herhaald op een Nederlandse zender en daarvan is mij in ieder geval de aflevering Das Mädchen auf der Treppe bijgebleven. Achteraf realiseer ik mij dat het vooral de melancholische soundtrack van deze aflevering was die daartoe bijdroeg.

Het is een creatie van de Berlijnse band Tangerine Dream. De electronische muziekgroep werd eind jaren zestig opgericht en bestaat nog steeds. Hun EP Das Mädchen auf der Treppe uit 1982 was een succes in de hitlijsten. Het betreft een remix van een andere, teleurstellende, versie van het nummer te horen op het album White Eagle.
Deze soundtrack was het begin van een lange rij ‘Schimanski-Songs’ die later ook door o.a. Dieter Bohlen (Modern Talking) werden uitgevoerd.

Een andere creatie van Tangerine Dream, Poland, is in deze video te aanschouwen.

Eén van de scènes, waarin de plaats delict wordt bezocht, is een pan shot op de industriestad Duisburg, met in de ondertoon de muziek van Tangerine Dream.

De opnamen werden dertig jaar geleden gemaakt. De kwaliteit van het scenario en de strakke regie doen je afvragen of er zoiets als ‘auteurs-tv’ bestaat. Zo ja, dan geldt dit zeker voor de Tatort-serie naar het draaiboek van Martin Gies.

Das Mädchen auf der Treppe werd inmiddels vijftien keer herhaald op de Duitse tv (in 2010 voor het laatst bij de WDR). Dit zal ongetwijfeld niet de laatste keer zijn geweest.

Bronnen: Wikipedia en tatort-fundus.de
Afbeelding: Wikipedia

1 nacht alleen?

donderdag 10 november 2011

Dit blog brengt het risico met zich mee dat de secretaris voortaan voor een grote a-romanticus wordt versleten. Gelukkig kan hij als achtergrond een onderzoek aandragen dat bewijst dat hij niet alleen staat in zijn mening. Uit een Brits onderzoek namelijk blijkt dat het merendeel van samenslapende geliefden wel eens nadenkt over het vervangen van het dubbele bed door twee afzonderlijke bedden of zelfs over een verhuizing naar een andere slaapkamer. Voor circa een op de vijf ondervraagden is dit laatste een heel reële optie.

De secretaris kan, hoe vervelend ook voor zijn eega, niets anders dan hartgrondig in deze gedachten meegaan. In zijn ogen is slapen een 100% individuele aangelegenheid die niet door andere (menselijke) factoren in gevaar moet worden gebracht. De onderzoekers beweren zelfs dat samen slapen iemand gemiddeld 2 uur per nacht kost. Dit klinkt wel erg overdreven, maar het in het bewuste onderzoek gepubliceerde lijstje met irritaties over de bedgenoot (m/v)  is werkelijk indrukwekkend.

Bron: gezondheidsnet.nl

De grootste ergernis betreft het vasthouden van de bovenkant van de deken bij het wegrollen, zodat de partner in de kou komt te liggen. Op de tweede plaats staat het wegduwen van de ander naar de rand van het bed, waardoor zijn of haar ribbenkast wordt geteisterd door de harde zijkant. De restcategorieën worden gevormd door onwenselijke gewoontes waar je als partner soms voor eeuwig aan vast zit: o.a. snurken, tandenknarsen en kwijlen. Aan dit laatste maakt de secretaris zich overigens onbedoeld schuldig.

Uit piëteit -of is het angst voor de reactie?- met zijn geliefde hebben deze overduidelijke bevindingen bij de secretaris nog niet tot concrete gedragsverandering geleid. Hij vindt het bijvoorbeeld wel zijn taak als echtgenoot om zo nu en dan zijn eega warm te maken, want de meeste vrouwen zijn natuurlijk ontzettende koukleumen. En wat is er trouwens erger dan een paar ijsklompen tegen je been te krijgen? Als de warmte zich enigszins van de vrouw heeft meester heeft gemaakt, stopt de secretaris direct met deze nobele taak, want het zweet breekt hem al gauw uit. De ‘lepeltje-lepeltje’ ligging is voor hem dan ook een tamelijk kort houdbaar genot.

Toch, de keren dat de secretaris bij afwezigheid van zijn partner noodgedwongen alleen moest slapen, waren zijn nachtrusten abominabeler dan normaal. Een korte dagevaluatie, een tedere hand of kus: ze werden node gemist. Wat is de meest gewenste situatie? De secretaris slaapt er nog maar eens een nachtje over……

Ook dilemma’s lossen zichzelf op: einde EPD

woensdag 9 november 2011

Dat verrassend veel problemen zichzelf oplossen als je er niets mee doet, hadden wij van NUt proefondervindelijk reeds vastgesteld. Het meerjarige experiment was meest ongewild en werd bij sommigen gedreven door besluiteloosheid (Voorzitter), bij anderen vertwijfeling (Secretaris) en bij enkelen zelfs “geen zin in” (Beschermheer). Wat de drijfveren ook zijn: de meeste problemen gaan vanzelf van tafel door ze op een stapel te leggen en er niets mee te doen.

Een bericht in de Volkskrant van vanmorgen doet serieus vermoeden dat hetzelfde effect optreedt bij dilemma’s. Het Elektronisch Patiënten Dossier wordt namelijk per 1 januari volledig afgeschaft. De Beschermheer bedacht zich vorige week nog dat hij nog altijd geen besluit genomen had genomen omtrent deelname aan deze dataverzamelingsdrift van de overheid. Het leek immers wel aantrekkelijk om niet steeds aan elke dokter uit te hoeven leggen dat er een malariamedicijn bestaat waar wij rode bultjes van krijgen. Anderzijds, gezien het bedenkelijke cv van onze overheid qua beveiliging van informatie, hadden wij ook grote twijfels. Immers, niet iederéén hoeft dat te weten, dat van die rode bultjes en malaria.

Maar goed, in al die jaren had de Beschermheer geen besluit genomen (“geen zin”). En zie, nu hoeft het niet meer. We hadden onze overheid toch weer overschat. Ze zijn niet alleen dramatisch slecht in de beveiliging van hun ICT, ze slagen er überhaupt niet in om een ICT-project succesvol van de grond te krijgen. Inmiddels zijn we namelijk 10 jaar en 300.000.000 euro verder, maar hebben te weinig partijen zich bij het systeem aangesloten om het te laten werken. Het schijnt state of the art te zijn, wat dat in dit geval ook moge betekenen (in vormgeving wedijverend met de producten van Apple?) (sneller dan de zoekmachines van Google?) (gebruiksvriendelijker dan een seniorentelefoon?), maar helaas, niemand doet er wat mee. In het voorjaar stemde de senaat het weg, en wat kunstgrepen door de zorgsector zijn mislukt. En dus gaat de stekker eruit.

De vraag aan u is: wat zou u doen met 300.000.000 euro? En: welk dilemma schuift u voor u uit?

 

 

Eighties-nostalgie (XVI): Spandau Ballet

maandag 7 november 2011

Sommige bands hebben eerst een metamorfose nodig om door te breken. In 1976 wordt de band ‘The Cut’, later ‘The Makers’ betiteld, opgericht door zanger/ tekstschrijver Gary Kemp en gitarist Steve Norman. Na enkele aanvullingen (o.a. met zanger Tony Hadley) en wisselingen verandert ook hun muziekstijl én imago. Aanvankelijk doet de band denken aan The Rolling Stones, maar deze sound wordt vervangen door de zogenaamde ‘New Romantics’ stijl. In 1979 resulteert dit in de uiteindelijke naam Spandau Ballet, genoemd naar de beroemde Berlijnse wijk.

De heren laten de extravagante pakken in de kast en steken zich voortaan in nette kledij, wellicht geïnspireerd door succesvolle, goed geklede voorgangers als Bryan Ferry en Robert Palmer. Of deze omslag de doorbraak forceert is niet duidelijk, maar feit is wel dat in de jaren ’83/’84 nummers als ‘Gold’, ‘True’ en ‘Only when you leave’ de hitlijsten bestormen. Niet iedereen valt als een blok voor Spandau Ballets synthpop: sommige muziekliefhebbers bestempelen het oeuvre van de Britse popgroep als goedkoop en inhoudsloos.

De secretaris meent dit toch anders te moeten beoordelen. De sound van Spandau Ballet klinkt lekker smooth en maakt juist een goed verzorgde indruk. Sterk punt zijn met name de sax-partijen van Norman die aan enkele nummers een ontspannend intermezzo toevoegt. Okay, zanger Tony Hadley komt misschien wat hijgerig en overdreven ernstig over, maar heeft wel degelijk een uitstekende stem. Dit bewees hij overigens jaren later ook tijdens zijn gastoptreden bij de ‘Night of the Proms’.

Eind jaren tachtig gaat de band door gebrek aan blijvend succes en interne strubbelingen ten onder, maar niet voordat hun allermooiste nummer verschijnt. In 1986 brengt de groep ‘Through the barricades’ uit, waarvan alleen al het beheerste, opbouwende intro de moeite waard is:


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 137 other followers