Dagboek van een overzomeraar – deel 41

Gisterenavond zou ik gezworen hebben dat ik voor twee uur vannacht wakker gemaakt zou zijn door A. in verband met een beginnende bevalling. Niet alleen had A. het over een rommelende buik, er was ook iets dat bestempeld werd als “last van mijn onderrug”. Bovendien had J., toch een beetje het orakel van de Hogeschool sinds zij de geboorte van een baby van een andere collega exact wist te voorspellen, deze week mij er al diverse malen met een stalen gezicht van verzekerd dat 23 augustus dé datum was. Het leken mij alles bij elkaar duidelijke signalen dat de weeën nu spoedig op gang zouden komen, maar de enige die mij wakker maakte vannacht was L., die pas vrede sloot met de nacht nadat zij een slaapplek in óns bed afgedwongen had. A. verzuchtte de volgende morgen: “Ik ken mijn lichaam niet meer.”

Gewoon naar mijn werk dus, om daar de dag te starten met een misverstand dat zo maar had kunnen ontaarden in een beschuldiging van seksuele intimidatie van mijn zijde. L. vroeg mij namelijk, terwijl zij op de haar kenmerkende manier op een neer sprong voor mijn bureau, hoe het stond met de op handen zijnde baby. Nogal slap lollig deelde ik haar mee dat die pas zou komen als ze bij mij thuis zou komen strippen. L. – toch wel wat gewend van mij en mijn mannelijke collega’s – keek mij aan met een gezichtsuitdrukking die het midden hield tussen verbaasd en geschokt en en stelde zich ongetwijfeld gedurende een kort moment  voor hoe zij bij mij in de woonkamer op opzwepende muziek heupwiegend kledingstukken uit stond te trekken. Zo te zien zag ze het nog niet helemaal zitten. Een fractie van een seconde later viel bij mij het kwartje, een uitdrukking waarvan ik deze week op verzoek van J. voorspeld heb dat deze zal verdwijnen over ongeveer 18 jaar, 2 maanden en 16 dagen. Ik bedoelde natuurlijk strippen in de zin van het inleiden van een bevalling, maar zo scherp was L. zo vroeg op de ochtend nog even niet en dat is te begrijpen.

Goed, aan de slag met de Ik-hou-van-reclame-spellen voor de kickoff (zie vorige dagen van dit dagboek). Mijn voorgevoel zegt dat dit een dolle boel gaat worden. Er moeten zo’n tweehonderd (ruwe, ruime schatting, overdrijven verduidelijkt de zaak) quizvragen, slogans, jingles etc. bij elkaar geraapt worden.Gelukkig is er hulp van alle kanten en als ik er helemaal klaar mee ben helpt C. ijverig met de laatste vragen. Rare zin eigenlijk, nu ik hem even teruglees.

Op de terugweg naar huis haal ik dochter L. op, die volgens de oppas een ander kind bijna vermoord blijkt te hebben met behulp van een schommel. Thuis eten we kibbeling, aardappels en bloemkool. Na het eten help ik Y. met de bouw van een Lego racewagen. Met een timmermansoog bestudeert hij de instructies in het boekje. Hier is hij bijna klaar:

 

Daarna ben ik moe en ga ik even op bed liggen. Vervolgens Y. op bed gegooid, die hevig teleurgesteld is dat A. dit niet doet. Dan krijg ik opeens een Whatsappje binnen van oudcollega O., die ik zeker al vijf jaar niet gesproken heb. Het leidt tot een telefoongesprek dat mij verbaast. Dat een mens zó kan veranderen in een paar jaar!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s