Étape 14: vreemde vogels

Montélimar – Villar les Dombes Parc des oiseaux

Noordwaarts ging het vandaag. Vanuit Montélimar het hele Rhônedal door om te finishen in het Parc des Oiseaux van Villar les Dombes. Een unieke collectie van drieduizend vogels hebben ze daar. Interessant hoor, maar waarom zou je in hemelsnaam een eindstreep trekken in een vogelpark? Het duurde even voordat ik de logica ervan inzag. Het wielerpeloton is natuurlijk een unieke collectie van rare vogels op zich! Ik ben tenminste nog nooit een normale wielrenner tegengekomen. Het is zelfs zo erg dat ik standaard vrouwen die verlekkerd naar geschoren wielerkuiten kijken aanraadt om nooit met een wielrenner in zee te gaan. Alleen tegen mijn eigen vriendin houd ik wijselijk mijn mond.

Mark Cavendish was vandaag de snelste van een zwerm trekvogels op weg naar het noorden.Jammer genoeg maakte Robert Gesink geen deel uit van deze zwerm. De Condor van Varsseveld viel voor de Tour keihard op z’n Peyresourde en doet niet mee. Het was zo leuk geweest, een condor in een vogelpark.

Er zijn meer mooie vogelwielerbijnamen. Je kunt er zo een bescheiden vogelparkje mee vullen. Eentje doet daadwerkelijk mee aan deze Tour. Nairo Quintana is de Witte Arend voor vrienden. Voor andere mooie vogels moeten we terug in de tijd. De allerbekendste is waarschijnlijk Federico Bahamontes. De Adelaar van Toledo kreeg zijn bijnaam vanwege zijn klimmerskwaliteiten. Liefst zes keer won hij het bergklassement. Er is trouwens nog een adelaar uit een Spaanse stad. Frank VandenBroucke reed ooit de stenen uit de straat in Avila en ging sindsdien als de Adelaar van Avila door het leven.

We hebben er nog meer in de aanbieding. De fanastische daler Paolo Savoldelli was il falcone: de valk. Ferdi Kübler? De Arend van Adliswil. Zelfs ikzelf ontsnap er niet helemaal aan, want op mijn werk noemen ze me wel eens de Reiger. De raarste vogel was echter niet ik, maar waarschijnlijk Michael Rasmussen. Die deed hele vreemde dingen om zo licht mogelijk te zijn. Zijn kop kaal scheren bijvoorbeeld. Alle stickers van zijn fiets afpulken. Een dieet volgen van alleen groenten en fruit. Of weken lang eindeloos sojamelk drinken en rijstwafels eten. Het werkte, een krielkip werd ie. Zijn collega’s verzonnen een mooie bijnaam. Chicken. Tegenwoordig weten we dat bij dit kippetje regelmatig de veearts langs kwam. Een plofkip, dat was het.

Bon, je kunt als wielrenner van vogels nog aardig last hebben. Ik herinner mij een Australische ploeggenoot die naast een kanaal per ongeluk over een overstekende eend heen reed. De eend dood en de renner de rest van de dag een schuldgevoel. En op één van mijn favoriete trainingsrondjes is onlangs een waarschuwingsbord geplaatst. Pas op, agressief buizerdpaar. Ze schijnen al meerdere fietsers aangevallen te hebben. Ja, dat gebeurt echt. Kijk anders even naar dit filmpje.

Gelukkig ben ik nog niet geraakt door meneer en mevrouw Buizerd.  Ik reed echter eens langs een boerderij in de buurt van Houten. Opeens voelde ik een flinke klap in mijn gezicht. Enigszins van mijn à propos voelde ik aan aan mijn rechterwang. Daar zat een beetje bloed. Beter tien vogels in de lucht dan eentje tegen je kop, zullen we maar zeggen. En één zwaluw maakt nog geen zomer, maar deze zeker niet meer.

 

Een gedachte over “Étape 14: vreemde vogels

  1. En dan hebben we nog de adelaar uit Herning, Bjarne Riis, alhoewel die bijnaam me altijd wat verbaasd heeft.
    Ferdi Kubler leeft overigens nog steeds, net als Bahamontes trouwens. Kubler is met zijn 97 jaar de oudste nog levende tourwinnaar.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s