‘Der Vogel’

Armando: daarom (1) – Gesprek met MOA-directeur Yvonne Ploum

Het is half negen ’s ochtends op een bewolkte vrijdag. Ik fiets Utrecht uit, richting Museum Oud Amelisweerd (MOA). Onderweg kijk ik af en toe naar boven. De wolken lijken iets te breken, daarachter is een rode gloed. Ik denk aan een schilderij van Armando.
Niet toevallig fiets ik richting ‘zijn’ museum voor een gesprek met MOA-directeur Yvonne Ploum over de plek en de betekenis van zijn werk.


Het werk van Armando lijkt in het landhuis Oud
Amelisweerd helemaal op z’n plek. Het pand, het licht, het bos. Hoe belangrijk is zo’n vaste expositie voor dat werk?

We zijn hier gekomen doordat er door de brand in Amersfoort niet echt meer toekomst was. Het was inmiddels crisis geworden en er was een ander college gekomen, hierdoor zouden we geen eigen huis meer hebben. We wilden echter nog steeds een huis voor Armando. Utrecht had met dit huis (buitenplaats Oud Amelisweerd) het doel het museaal open te stellen.
Eigenlijk hebben de collectie en het huis elkaar gevonden.

Toen ik hier voor het eerst was in 2010 dacht ik, dit zou een mooie plek zijn voor het werk van Armando, juist omdat het hier zo over de natuur gaat. Je kunt in dit huis ook zien hoe de mens zich door de eeuwen verhoudt tot de natuur en vanuit die gedachte ingrepen in de natuur en het huis doet. Als je dan binnen in het huis bent en je ziet een schilderij van Armando met bomen of een bosrand, je kijkt opzij en je ziet dat bos, dan is dat een mooie combinatie.
Daarom zijn we ook blij dat we een systeem hebben gevonden waarbij de luiken gecontroleerd open kunnen houden. Doordat het huis niet verwarmd is voel je elk seizoen ook echt. Het licht is elke minuut anders.
Voor mij is deze plek voor de collectie zowel inhoudelijk als uiterlijk, met de gelaagdheid van de natuur en de sporen van menselijke bewoning, een hele mooie en goed gelukte symbiose.

Armando in het woud (foto: Ernst Moritz)

Een plek van verstilling
Hier kun je alleen zijn met een werk, dat is heel waardevol. Door de drie verdiepingen en 17 kamers worden de 30.000 bezoekers per jaar goed verspreid en heb je eigenlijk niet het gevoel dat het vol is. Als je alleen een kamer binnenkomt en je staat oog in oog met een werk; daar kan weinig tegenop qua esthetische ervaring. We willen ook graag een plek zijn, zeker in dit gebied (de Randstad), waar je even in de verstilling kunt komen. Er zijn niet meer zoveel plekken waar dat kan en die echt over stilte gaan. Daarom ook heeft het MOA nauwelijks teksten in de tentoonstelling en geen audiotour, geen extra laag dus waar je doorheen moet. Het gaat ons echt om de directe verbinding van de bezoeker met de werken en het huis.
Wat dat betreft gaan we tegen het tijdsgewricht in, omdat alles tegenwoordig héél toegankelijk moet zijn. De meeste musea hebben blockbusters (tentoonstellingen die veel bezoekers moeten trekken) maar wij zijn de Efteling niet. Aan de andere kant past ons museum goed in deze tijd, waarin mensen zoeken naar zingeving en inspiratie.
Voor ons is het huis, het behang, Armando en andere kunstenaars, even belangrijk.

Stil Leven. Stephan Vanfleteren & Armando (foto: Servaas Van Belle)

De toekomst van het museum
Ook al heb je de prachtigste plannen, we zitten hier toch op een ‘moeilijke’ plek. Vanwege de kwetsbaarheid van het huis kunnen we niet te veel mensen toelaten en de locatie ook nauwelijks verhuren. Dat maakt onze financiële positie kwetsbaar. Desondanks verbinden steeds meer mensen zich aan MOA, onze tentoonstellingen lopen heel goed en we hebben onlangs een Europese erfgoedprijs gewonnen. Met alle uitdagingen die we in dit huis hebben, doen we het dus eigenlijk heel goed maar we hebben wel iets meer ondersteuning nodig.
Wat ons ook onderscheidt van de meeste musea is dat we een horeca hebben die zelfstandig is, dat zie je niet vaak bij culturele instellingen. De inkomsten daaruit hebben we dus niet. We krijgen nu ondersteuning uit Amersfoort en we hebben subsidie ontvangen van de provincie Utrecht. We missen eigenlijk het stuk van onze huisbaas, de gemeente Utrecht.
Een stabielere basis is nodig vooral vanuit de gedachte dat het MOA de beste invulling voor deze locatie is. Je moet bedenken dat het 30 jaar leeg heeft gestaan; nu is het open voor publiek en we zorgen er goed voor. We hebben van de subsidiecommissie een goede beoordeling gekregen als ‘een belangrijke toevoeging aan het museale landschap’ hier en een plek die absoluut moet blijven. Het punt is nu hoe dit ingebed kan worden in de plannen van de gemeente.
N.B. Op 22 december is bekend geworden dat het MOA in 2017 open blijft voor publiek.


Armando’s vertrek naar Berlijn in 1979, hoe beïnvloedde die verhuizing zijn werk?

Hij kreeg toen een beurs van de Deutscher Akademischer Austauschdienst (DAAD), hij mocht toen een jaar wonen en werken in Berlijn. Het was het naoorlogse Berlijn waar de muur nog stond en sporen van de Tweede Wereldoorlog heel zichtbaar waren. Als je naar een van zijn belangrijkste thema’s, dader en slachtoffer, kijkt, zat hij daar in het hol van de leeuw. Na het eerste jaar is hij gebleven terwijl hij toen nog niet verdiende met zijn werken. In 1984 kreeg hij in Berlijn pas zijn eerste grote tentoonstelling en zijn werk was ook te zien op de Biënnale van Venetië.
Berlijn was voor hem als kunstenaar zo inspirerend, om zich daar te verhouden tot de stad, de mensen en de geschiedenis. In zijn ‘Uit Berlijn’ bundels zie je dat heel goed terug. Zijn onderzoek naar de tragiek van de mens, wat gebeurt er nu met mensen in uitzonderlijke omstandigheden in een oorlog waarin je eigenlijk je masker moet afzetten en laten zien aan welke kant je staat, dat ging daar natuurlijk heel goed.
Hij woont nu trouwens in een atelierwoning in Potsdam; een oude paardenstal van een kazerne, hoe toevallig …

Armando in zijn atelier in Berlijn (foto: Conny Meslier)

In de jaren 80 maakte Armando veel werken met de titel ‘Melancholie’. Hoe uit die melancholie zich vooral in zijn werk?

Je kunt zeggen dat de melancholie wel de grondtoon is in Armando’s werk. Het gaat daarin heel erg over de vergankelijkheid, de tijd die alles opslokt en laat verdwijnen en de natuur die ongehinderd doorgroeit en sporen uitwist.
Als je naar de melancholie kijkt als positieve emotie, dan zie je in zijn werk een moment waarop alles inkeert en tot stilstand komt. Voor de grote kunstenaars is die emotie nodig om tot een werk te komen. Armando probeert de tragiek een gezicht te geven en dat is niet makkelijk. Hij zei daar zelf over: ‘De kunstenaar weende bitterlijk en vervolgens ging hij aan het werk. Uiteindelijk wil je toch een mooi schilderij maken.’ Hoewel je daarbij soms naar een afschuwelijk tafereel (een marteling of veldslag) kijkt.
In Armando’s werk gaat het om het esthetiseren van het geweld, het verschrikkelijke. Armando noemt dat een ver-ontschuldigen, overbrengen naar een ander domein waarbij het niet gaat over goed en kwaad maar waar je daaraan voorbij gaat. Juist in zo’n domein kun je dat geweld ervaren en tot je laten doordringen. Dat omzetten van het verschrikkelijke naar het schone, dat is zijn werk. We kunnen schoonheid alleen ervaren als je ook de andere kant kent; dat is de schoonheid van het kwaad.

MOA (foto: geertfotografeert.nl)

Hoe meer vragen, hoe beter
Armando’s oeuvre kun je op allerlei niveaus benaderen. Aan de ene kant door puur te kijken, beleven en waarderen. Als je de diepte ingaat, wat je natuurlijk behoort te doen als museum, is het zo gelaagd en rijk. Armando is een ontzettend erudiete man die een filosofische, historische en artistieke basis heeft. Als je zijn boekenkast bekijkt … zijn werk is rijk aan dat soort bronnen. Als je je erin gaat verdiepen ben je zo snel nog niet klaar. Zo’n lang leven van studie, leven en werken, er blijven altijd raadsels over.

Je wilt natuurlijk als kunstenaar zo dicht mogelijk bij de essentie komen. Geen enkel schilderij geeft echter het antwoord. Eigenlijk gaat het over waarom er aan de ene kant zoveel tragiek is in de wereld en aan de andere kant zoveel schoonheid. Hoe ligt die verhouding, dat is een eindeloos onderzoek. Dat is ook zijn drijfveer, zelf zegt hij daarover: ‘Als je dat geheim gevonden hebt, dan stop je ook en ga je over in het nobele zwijgen. Hoe meer vragen, hoe beter. Antwoorden worden niet op prijs gesteld!’


Wat is de betekenis van Armando’s werk?

Armando is een van de grootsten of een van de grootste kunstenaars van ons land. Je herkent zijn werk altijd. Het is zo ‘eigen’. Dat karakter, niemand kan hem evenaren op zijn thema. En hij beheerst dat in zoveel disciplines die hij zich steeds weer eigen heeft gemaakt.
Zijn werk is heel, heel autonoom. Natuurlijk werkt hij wel in een traditie van de grote Noord-Europese expressionisten als Kirchner, Beckmann en Bacon, schilders die betekenis willen geven aan hun werk. Maar desalniettemin is het altijd heel lastig voor mensen om hem in een hokje te plaatsen.

Zo erudiet als hij is, komt bijna niet voor, dat zie je ook bij enkele schrijvers. Er gaat een generatie nu weg die qua niveau geen gelijke heeft. Armando is ook een absoluut groot denker, de manier waarop hij zijn gedachten weer teruggeeft via schilderijen, tekeningen en in literatuur, dat is onnavolgbaar. Ik zou niet weten wie daarin met hem kan wedijveren. Los van het feit dat hij ons denken over daders en slachtoffers heeft veranderd. De manier waarop hij daar een gezicht aan heeft gegeven, is nog steeds (helaas) heel relevant. Dat zwart-witdenken over de vijand kan eigenlijk niet meer als je je in zijn werk hebt verdiept.

Armando heeft zelf over het belang van zijn werk gezegd: ‘Als ik omval, zou ik willen dat mijn werk als een groot gebouw is. Maar, ook zo dat het bijna de natuur kan evenaren.’ Ik denk wel dat dat gelukt is bij hem; de natuur blijft ook een raadsel, dat is bij zijn werk ook zo. Als je daar eenmaal van in de ban bent, kom je er niet meer vanaf.

16 december 2016, Museum Oud Amelisweerd, Bunnik
(Afbeeldingen: MOA (Ernst Moritz, Servaas Van Belle en Conny Meslier) en geertfotografeert.nl)

Lees meer over Armando in de blogpost Armando: daarom (2) – De onbevreesde

Advertenties

Een gedachte over “Armando: daarom (1) – Gesprek met MOA-directeur Yvonne Ploum

  1. Dit relaas valt voor mij op het juiste plek, nu in de buurt van Potsdam en Berlijn verblijvend. En heel mooi die uitleg over melancholie: het tot stilstand komen en weer doorgaan, de verhouding tussen positief en negatief.
    Zeer waardevolle bijdrage: ik kijk nu met meer interesse naar Armando.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s