Eighties-nostalgie (XXXIV): Scritti Politti en Thompson Twins

Deze keer een dubbelportret in de 80’s reeks, want er zijn nogal wat parallellen te trekken tussen onderstaande bands. Zowel Scritti Politti als Thompson Twins ontstond eind jaren ’70 in een kraakpand in Engeland, waarin huisgenoten besloten om een muziekgroep op te richten. Voor beide geldt ook dat een andere huisgenoot zich ontpopte tot manager van de band.

Daarmee houdt de vergelijking nog niet op, want de oorsprong van beide namen is ontleend aan een boek. Scritti Politti is een verbastering van de geschriften ‘Scritti politici’ van de Italiaanse marxist Antonio Gramsci, waarin zanger Green Gartside aan het lezen was. Thompson Twins is op een heel ander genre gebaseerd: het ontleent de naam aan Jansen en Janssen, twee stripfiguren uit Kuifje. De twee detectives heten in het Engels Thomson & Thompson.

Scritti Politti kon gezien worden als een postpunkgroep. In 1979 stonden ze zelfs in het voorprogramma van Joy Division. Gartside ontwikkelde zich verder onder invloed van allerlei stijlen en begin jaren ’80 scoorde hij enkele hitjes. Maar met een verandering van de samenstelling van de band kwam het grotere succes: in 1984 schopte de hit ‘Absolute’ het vrij ver in de Benelux. De secretaris vindt dit echt één van de meest ultieme eighties-nummers: de synthesizer, de multiculturaliteit die je in die jaren veel zag in de Engelse pop-scene, het breakdance intermezzo en de verfrissende uitstraling van de links-georiënteerde Gartside (let u vooral ook op de motoriek van de man rechtsvoor op het podium).

Rond dezelfde tijd beleefden ook de Thompson Twins het hoogtepunt van hun roem, met bekende nummers als ‘Doctor! Doctor!’ en ‘You take me up’ (de videoclip is alleszins de moeite waard). Ook zij realiseerden dat na enkele personele wisselingen te hebben ondergaan. Beide bands betaalden daarna echter flinke tol voor het drukke artiesten bestaan: een tijdje na Live aid raakte zanger Tom Bailey van de Thompson Twins overspannen en verdween hij van het internationale toneel, daarmee de ondergang van de groep inluidend.

Scritti Politti verging het destijds niet veel beter: Greenside was in 1988 zo vermoeid geraakt dat hij zich liet opnemen in een ziekenhuis. Daarnaast kampte hij vanaf het begin al met podiumvrees, nogal onhandig voor een frontman natuurlijk. Sinds 2006 lijkt Gartside deze echter overwonnen te hebben, want sindsdien is hij af en toe te zien voor de fans. Gelukkig maar, want zijn muzikale talenten, engagement en teksten zijn van toegevoegde waarde voor de popmuziek!

 

De goede kant op met de rondleiding

De secretaris en zijn gezin plegen op vakantie traditiegetrouw één of meerdere kastelen te bezichtigen. Doorgaans een geschikt familie-uitje, aangezien zowel jong en oud aan hun trekken kunnen komen vanwege de combinatie van historie en avontuur en -laten we vooral ook praktisch blijven – de te overziene omvang van een bezoek.

Er schuilt echter een niet te onderschatten gevaar in het ontdekken van dergelijke fortificaties: soms stelt men een rondleiding verplicht of, sadistischer nog, wordt een visite met een sterk verouderd getypt en beroerd vertaald foldertje een heuse dwaaltocht. De secretaris moet zich eerst altijd even herstellen bij de mededeling dat er een gids ten tonele zal komen; de kinderen reageren wat minder diplomatiek: “Ah nee, niet weer een rondleiding. Da’s saai.” Een weliswaar niet geheel instemmende, maar zeker niet onbegrijpelijke reactie.

 

Voor een mooi stukje historie en een potentieel leuk dagdeel uit het lot in de handen moeten leggen van een vaak vrijwillige leidsman, is geen sinecure. Want als er ergens een verscheidenheid aan is, is het wel aan gidsen: van rigide oude van dagen (nergens aankomen, aub), belabberd Engels sprekende afstudeerders (die aan het einde ook nog een fooi durven te vragen) tot aan innemende enthousiastelingen met onuitputtelijke feitenkennis en geduld.

905_0494_02-copy-580x326
Bron: chateaudeharoue.fr

U zult denken “daar is tegenwoordig een oplossing voor: dat heet een audiotour”. Maar zeg nu zelf wie, wordt daar gelukkig van? Als makke schapen worden de toeristen, liefst met een beetje tempo, door het kasteel gebonjourd. De andere zintuigen delven het onderspit, hetgeen de werkelijke beleving van zo’n historische plek flink doet kelderen. Om daarnaast nog maar te zwijgen van de aanblik en sfeer van een zaal vol apparaten aan oren.

Afgelopen zomer beleefden de secretaris en zijn gezin op dit vlak een unicum. Ze bezochten het kasteel van Haroué, een indrukwekkend bouwwerk in Lotharingen, in de buurt van de mystieke heuvel van Sion. Vanwege het ontbreken van andere toeristen was een privé-rondleiding ons deel, zodat het uitstekende Engels van de Franse gids direct voor de kinderen vertaald kon worden. Zo werd de aanvankelijke weerzin omgeturnd tot een zeer leerzame ervaring zonder gebruikelijk gegaap!

Nederlandse en Zweedse tennisfans: wie wacht het langst?

Het Nederlands Davis Cup team speelde van het weekend tegen Zweden en behaalde een behoorlijk gemakkelijke overwinning. De wedstrijd vond plaats in de zogenaamde Europese/ Afrikaanse zone, een soort derde divisie van het internationale tennis. Er zullen maar weinig fans echt warm zijn geworden van dit affiche.

Het Nederlandse mannentennis heeft alleen met Rojer een (dubbel)topper in huis, maar de jaren lijken dit seizoen bij hem te gaan tellen. Bij Haase is de vraag of hij nog eens een uitschieter kan produceren na zijn privé-perikelen, maar grootse daden worden (voorlopig) niet meer van hem verwacht. En voor de rest is het vooral wachten op talenten die zullen doorbreken, het betere glazen bol kijken.

Dat wachten doen de eens zo befaamde tennissende Zweden nog langer dan wij. Op dit moment is Elias Ymer de best geklasseerde Zweed op plaats 130 en daarnaast staan er maar twee landgenoten in de top 500, tegenover zes voor Nederland. Medio 2011 kwam, zo later bleek, door de ziekte van Pfeiffer een einde aan de loopbaan van de krachtige Robin Söderling, die in 2009 en 2010 nog de finale haalde van Roland Garros. In 2009 versloeg hij de ongenaakbare gravelkoning Nadal, een historische zege die voorlopig het laatste grote wapenfeit op tennisgebied van de Scandinavische grootmacht van weleer.

Anders Jarryd, tennis player
Anders Jarryd. Bron: alchetron.com

In de jaren 80 en 90 werden de Zweedse tennisliefhebbers natuurlijk ook uitzonderlijk verwend met voorop absolute toppers als Björn Borg (ook 2e helft jaren 70), Stefan Edberg en Mats Wilander en in hun kielzog prijzenwinnaars als Thomas Enqvist, Jonas Svensson, Magnus Gustafsson, Magnus Larsson, Mikael Pernfors en Magnus Norman. Voeg daarbij handige dubbelaars als de sympathieke Anders Jarryd (de favoriet van de secretaris en zijn moeder) en de humoristische Jonas Björkman en de weelde was compleet.

Hoe anders waren de Davis Cup gevoelens bij de voorlaatste ontmoeting in 1993, ondanks dat Stefan Edberg op het laatste moment moest afzeggen, omdat hij net vader geworden was. De wedstrijd ervoor was de legendarische overwinning op Spanje (met de held Mark Koevermans tegen Sergi Bruguera!). De stemming was opperbest, maar Zweden trok met “mister forehand” Gustafsson, Jarryd, Holm en Kulti aan het langste eind.

65664-620-455
Nederland- Zweden op 16 juli 1993. Bron: anp-archief.nl

Reistips voor het najaar: Elf nummers met plaatsnamen in de titel

De zomervakantie is (niet qua weer) achter de rug, dus worden vast weer de eerste plannen gesmeed voor bijvoorbeeld een stedentrip in het najaar. Mocht u moeite hebben met uw keuze, dan kunt u zich wellicht laten inspireren door de volgende elf nummers met plaatsnamen in de titel:

  • Marc Cohn – Walking in Memphis (1991): We beginnen in de VS, waar tevens ontzettend veel nummers over staten gaan. Dit nummer bevat een echte kenschets en zo hoort het natuurlijk. Uitgegroeid tot een heuse klassieker, maar in Nederland destijds schandalig genoeg niet verder dan de tipparade!
  • Sting – Englishman in New York (1987): Prachtig treffend beginstuk met een heerlijk vleugje saxofoon. De clip is niet minder fraai en sfeervol: Sting, struinend in een lange jas met paraplu als een ‘legal alien’ in New York.
  • Jacques Dutronc – Il est cinq heures, Paris s’éveille (1968): Dezelfde soort complimenten kunnen aan Dutronc worden gegeven. Mooie vondst, want wie is niet eens geraakt door het ontwaken van een grote stad?
  • Thin Lizzy – Dublin (1971): Speciaal voor de Voorzitter. Waarom wenden stoere rockende mannen zich niet vaker tot ingetogen nummers? Met terugwerkende kracht krijgt de secretaris steeds meer waardering voor de veelzijdige Phil Lynott.
  • George Ezra – Boedapest (2014): Dé grote doorbraak voor de jonge Britse zanger. Een jaar later probeerde hij het met Barcelona, maar die plaats bracht hem minder succes. Toen Ezra het uitbracht, had hij de Hongaarse hoofdstad nog niet bezocht. Qua stedentrip staat deze hoog op het verlanglijstje van de secretaris.
  • Murray Head – One night in Bangkok (1984): Voor de oplettende lezer een déja vu. Deze kwam namelijk al voor in het lijstje met nummers met “nacht” in de titel, maar is mooi genoeg om herhaald te worden.
  • Anya – Moscow nights (1986): Een kleine confessie, want de secretaris kocht dit singletje ooit. Anya was natuurlijk al bekend als de Nikita van Elton John en vond de belangstelling kennelijk zodanig leuk dat ze het zelf ook probeerde als zangeres. Zou deze tegenwoordig door de Russische ballotage komen?
  • Simply Red – Jericho (1985): Een paar jaar geleden hoorde de secretaris deze live in de Gelredome en toen kreeg hij weer kippenvel. Geen idee wat het met Jericho te maken heeft, maar Mick Hucknall is duidelijk op dreef met dit opzwepende nummer.
  • Simple Minds – Belfast child (1989): Komen we uit bij een soort van een top 3 met deze ambitieuze en ietwat bombastische productie. Afgeleid van ‘She moved through the fair’, een oud Iers volksliedje. De videoclip werd op de meest treurige plekken in Belfast opgenomen, zodat er een grimmig beeld ontstond van de stad.
  • Billy Joel – Goodnight Saigon (1983): De koning van de nummers met steden erin, want vergeet ook niet ‘New York state of mind’ of ‘Leningrad’. Maar deze blijft de meest imponerende. Het Amerikaanse publiek was nog niet toe aan deze single over de Vietnam oorlog, en dat vond Joel erg jammer. “Kennelijk durven we de recente geschiedenis nog steeds niet recht in de ogen te kijken”, verzuchtte hij.
  • Ultravox – Vienna (1981): Hier kan de secretaris nooit genoeg van krijgen, mede dankzij de onheilspellende film noir clip . Het violenspel, de dramatiek, de mystieke zanger Midge Ure (let op zijn afgemeten snorretje) en de tempowisselingen zorgen voor de verdere overrompeling. Nu nog een keer naar Wenen….
Uta Barth

Licht op licht

Zo’n 15 jaar terug werkte ik in een donker achterkamertje met een collega, twee bureaus en een plant. Het enige licht dat naar binnenkwam, piepte door een smal bovenraam; zo’n drie meter breed en 40 cm hoog. Als de herfstmaanden kwamen knipten we de bureaulampen aan om bij te lichten. Dat smalle strookje daglicht versterkte ook nog ‘ns de winterdepressie …

Leren van de Romeinen
Wie ooit in het Pantheon in Rome heeft gestaan weet dat de Romeinen goed begrepen hoe je daglicht gebruikt. De tempel uit 125 is zo gebouwd dat het daglicht gelijkmatig verdeeld is over de ruimte. Naast het verlichten van de ruimte geeft het licht ook heel nauwkeurig aan wanneer de vier seizoenen beginnen en eindigen.

Thomas Struth - Pantheon

Wat die Romeinen ons hebben nagelaten, is tegenwoordig duidelijk te zien bij de ‘passiefhuis-beweging’. Een passiefhuis wordt verwarmd met passieve warmtebronnen, zoals de zon.  Zo’n huis stoot 54 procent minder CO2 uit dan traditionele gebouwen.
‘Licht is interessant voor een passiefhuis omdat je zo op een natuurlijke manier warmte kan winnen. Een passiefhuis moet dus zeker een goede oriëntatie hebben. Concreet betekent dit jouw woning op het zuiden richten, met zoveel mogelijk glas aan de zuidkant om de warmte van de zon te vangen.’ 1

Duurzaamheidsgoeroes vragen al jaren aandacht voor slim gebruik van onze natuurlijke bronnen. Onze oosterburen lopen daarin ver voorop. Langzamerhand dringt hier ook het besef door dat de zon voor niets opgaat. En we moeten ergens starten, zoals Wubbo Ockels op zijn sterfbed zei: ‘Even a small thing does something.’

Healing environment
Net als onze woningen zijn veel ziekenhuizen ‘op kunstlicht’ gebouwd. Donkere ruimtes, lage plafonds en weinig ventilatie zijn inherent aan deze bouwsels uit vooral de vorige eeuw. Het opkomende ‘healing environment’ in de zorg probeert die periode te vergeten. Kunstlicht maar vooral daglicht, spelen een hoofdrol in het creëren van zo’n prettige omgeving. Een gebrek eraan leidt al gauw tot een tekort aan vitamine D; belangrijk voor de botten en spieropbouw. Bewezen is ook dat meer daglicht ziektekiemen doodt.
Het zal niemand verbazen dat ook leerlingen beter presteren door een gezond binnenklimaat met voldoende daglicht.

The Norwegian Radium Hospital, Oslo

Hollands licht
Daglicht dus. Essentieel voor het algehele welbevinden van de mens. Maar ook een gereedschap voor architecten, kunstenaars en natuurlijk fotografen.
Joseph Beuys (daar is ‘ie weer) beweerde in de jaren 70 dat het Hollandse licht niet meer was wat het ooit geweest was. Hij doelde hiermee op de inpoldering van het IJsselmeer en de verdwenen reflectie van het licht op het wateroppervlak. De ingreep zou volgens hem ‘grote impact hebben op de visuele cultuur’ die terugging tot de 17e eeuw.

Licht heeft kunstenaars al eeuwen geïnspireerd en dat zal nog eeuwen zo blijven. Filmmakers en fotografen zijn ’grootverbruikers’. De Nederlandse cameraman Robby Müller, die veel met regisseur Wim Wenders werkte, is daar een goed voorbeeld van. Hij filmde veel in zwart-wit waarmee de intensiteit van daglicht versterkt wordt (hieronder een still uit Im Lauf der Zeit).

Im Lauf der Zeit

Het mooiste daglicht vind ik overigens het ’golden hour’. Dat is het eerste of laatste uur van de dag, vlak voordat de zon ondergaat. Vaak levert deze korte periode prachtige luchten op.

Inmiddels ben ik er qua werkruimte op vooruit gegaan. Een blik naar rechts, door de manshoge ramen, levert uitzicht op de grachten. Ook de winterdepressies zijn minder sterk aanwezig, nu nog een mooie plant op m’n bureau.

Bronnen: freyarchitekten.com, issuu.com/da-magazine, livingdaylights.nl en Wikipedia
(Afbeeldingen: utabarth.net, photonlab.com, henninglarsen.com en mubi.com)

Kleine dingen groot#22 Mestkevers en uil in Parc Chlorophylle

De secretaris was tot zijn eigen verbazing het eerste deel van de vakantie in België te vinden. Sterker nog: hij was het die, niet eens in een vlaag van verstandsverbijstering, voorstelde om gezien het aardige weer in de Benelux naar de Ardennen af te reizen. Zijn jarenlange opgebouwde cynisme en pessimisme over met name Wallonië, nog versterkt door het lezen van de kolderieke belevenissen bij onze zuiderburen van Bob den Uyl, moesten maar eens gechallenged worden.

Viel het mee? Het antwoord, hoe saai ook, is tweeledig. De mistroostigheid, de Belgische nonchalance voor een fatsoenlijke inrichting van de leefomgeving, het onbegrijpelijke verkeer (de secretaris weigerde achter het stuur plaats te nemen): allemaal ingrediënten die wederom werden aangetroffen. Niettemin zou het onsportief zijn om te zeggen dat er niets te beleven valt, want de Ardennen hebben zeker wat te bieden, vooral qua natuur.

De derde dag belandde het gezin van de secretaris in Parc Chlorophylle, een recreatiebos in Dochamps, waarbij natuur, educatie en speelplezier op een leuke wijze worden gecombineerd. Tijdens de route door het park treft men diverse constructies van hout aan die volledig in het teken van de natuur en milieubehoud staan, waarbij tweetalige didactische panelen de bezoeker extra achtergrond verschaffen.

De secretaris stuitte op twee geslaagde kandidaten voor de serie ‘Kleine dingen groot’. Iets voor in uw tuin wellicht?